Au Revoir!

Het zit er nu écht aan te komen: ijsbeer Todz gaat Rotterdam achter zich laten. Het is alweer een lange tijd geleden dat hij en zijn tweelingzusje Sizzel voor het eerst kennis maakten met hun buitenverblijf: van die pluizige puppy-grote beertjes is weinig over. In oktober vorig jaar arriveerde Sizzel al in een Duitse dierentuin en nu is de bestemming van Todz bekend: Parc Zoo du Reynou, in Frankrijk. Daar is een spiksplinternieuw verblijf in gereedheid gebracht voor de komst van twee Nederlandse ijsberen: onze Todz en mannetje Nanu uit AquaZoo Friesland (geboren in Denemarken). Het ga je goed, Todz!
Sierlijk
-> Edit 01-09-2019: Later is bekend geworden dat de twee matamata’s beide op hoge leeftijd overleden zijn kort na elkaar. Voorlopig komen er geen nieuwe matamata’s.

Verandering in Amazonica: waar tot voor kort een tweetal matamata’s zat, zijn nu sieraardschildpadden (Rhinoclemmys pulcherrima) te vinden. De trouwere bezoeker herinnert zich misschien wel dat deze soort hier in het verleden al eens te zien was, in 2014 deelden zij namelijk kortstondig dit verblijf met de matamata’s. Waarom de laatstgenoemde soort nu niet meer te zien is, is onbekend daar Blijdorp er geen uitspraak over heeft gedaan. De matamata is een schildpaddensoort die qua bizarheid moeilijk te evenaren is, maar de sieraardschildpad is desalniettemin een interessante soort, afkomstig uit Centraal-Amerika. Ze zijn erg actief en staan bekend om de mooie tekeningen op hun schild en gezicht.
Natuurbehoudscentrum

Het nieuwste stukje Oceanium blijft zich ontwikkelen. Het zoutwater-aquarium, een herinnering aan de Zee van Cortez die hier voorheen nagebootst werd, telt nu ook weer een zebramurene. Voordat de verbouwing begon, was deze hier ook al aanwezig. Hij deelt zijn aquarium met drie Cortez doktersvissen en twee bruine egelvissen. Aan de andere kant van het Natuurbehoudscentrum is nu ook een langverwachte inwoner te vinden: de vuursalamander (Salamandra salamandra). In tegenstelling tot veel dieren, die middels camouflage zo min mogelijk proberen op te vallen, heeft de vuursalamander onmiskenbare felgele vlekken op zijn lichaam. Van nature komen ze voor in heuvelachtige streken met vochtige bodem en veel kreekjes in heel West-Europa, waaronder Zuid-Limburg. De vuursalamanderpopulatie is sterk afgenomen: sinds 1999 met een verbluffende 99,9%. De schuldige is een schimmel die de huid van salamanders levend opeet. In Nederland zijn het niet meer dan een paar individuen die nog voortbestaan en de uitbraak heeft zich inmiddels verspreid naar onze buurlanden. Stichting RAVON heeft een aantal dieren veiliggesteld en is een fokprogramma begonnen in gevangenschap. Blijdorp heeft een aantal nakomelingen uit dit programma ontvangen. De meeste worden gehuisvest in een gemodificeerde container achter de schermen, maar nu zijn ze dus ook te zien in het Natuurbehoudscentrum. Of de Diergaarde gaat fokken met de dieren, hangt af van wat Stichting RAVON als wenselijk aangeeft.
Shuffle

Wederom wordt er geschoven met de vogels in het Aziatische themagebied. De Himalayaglansfazanten, al jaren een vertrouwd gezicht in de Grote Vliegkooi, zijn overgeplaatst naar de Maleise Bosrand, waar ze de voormalige oehoe-volière bewonen. De bankivahoenders zijn, na een tijdje in Taman Indah gezeten te hebben, weer teruggekeerd naar de volière bij het Longhouse nu de tropische zangvogels, daar geplaatst in het kader van de EAZA Silent Forest Campagne, verhuisd zijn. Het overplaatsen van vogelsoorten vindt plaats om leegstand in bepaalde volières te voorkomen en bevordert daarnaast de voortplanting bij sommige soorten.
Wijzer

Verdwalen is verleden tijd in Blijdorp! Sinds kort zijn door het gehele park deze nieuwe wegwijzers geplaatst in de typische Blijdorp-huisstijl. De meeste dieren staan erop aangegeven, maar ook de continenten, wat biotopen, restaurants, speeltuinen, de zie-allesroute en nog veel meer nuttige locaties zijn gemakkelijker dan ooit te vinden. Niet dat Blijdorper Bendeleden vaak verdwalen, maar toch…
Harten Stelen

Er kan weer genoten worden van nieuwe kleintjes in Blijdorp. Nadat de kleine giraffe Khaleesi kennis maakte met haar soortgenoten in het buitenverblijf, was het feest op de Prairie: daar is een bizon bevallen van een meisje, Gina geheten. De moeder is gemakkelijk te herkennen aan haar hoorns: eentje staat omhoog, de ander omlaag. Wat eerder, in april, ging de ooievaar op bezoek bij de kuifhertjes in de Chinese Tuin en het jong, Simone, is nu regelmatig te zien op ontdekkingstocht door haar verblijf. Ook bij de vogels is het raak: bij de wevervogels is het een drukte van belang met mannetjes die nestjes knutselen en vrouwtjes die hun jongen voeren. Ook bij de maraboes wordt er druk gebroed.
Buiten Blijdorp
Verdrietig nieuws bereikt ons vanuit Polen. In de dierentuin van Warschau heeft takin Benny zijn laatste adem uitgeblazen. In 2004 werd hij geboren op de Takinrots, waar hij tot 2012 bleef. Zijn oude perk had toen z’n beste tijd wel gehad en was in vergetelheid geraakt, maar in Polen was hij opeens een ster: de wortelliefhebber, daar bekend onder zijn koosnaampje ‘Benek’, werd een van de meest geliefde en gefotografeerde dieren van de dierentuin. Op zijn hoge leeftijd begon zijn gebit hem in de steek te laten, al wist goede medische zorg zijn leven nog wat te rekken. De dierentuin geeft aan op zoek te gaan naar een nieuw mannetje om Beneks twee vriendinnetjes gezelschap te houden.

Foto: Warszawskie ZOO (Facebook)


Te beginnen met de lopende projecten. Nadat in 2018 al een mooi doorloopverblijf voor ringstaartmaki’s uit de grond werd gestampt, zijn de verwachtingen hoog gespannen voor de rest van het project Eilandhoppen. Wel zullen we nog even geduld moeten hebben, want het zou heel goed kunnen dat de werkzaamheden flink wat tijd in beslag gaan nemen. In grote lijnen blijft de opzet van deze nieuwe aanbouw van het Oceanium ongewijzigd, maar aan de nieuwe plattegronden en conceptafbeeldingen is te zien dat de exacte invulling beetje bij beetje duidelijk wordt. Wanneer je het makiverblijf, een nabootsing van de dorre zuidkust van Madagaskar, verruilt voor de tropische sferen van de kas waan je je in een regenwoud. Op diverse plekken in de hal, die ruim zes meter hoog wordt, maak je kennis met de excentrieke eilandbewoners. In het oog zal gelijk het verblijf voor de boky-boky’s springen, een immer actieve mangoestensoort. Ook worden er verblijven ingericht voor Madagaskarleguanen, de felrood gekleurde Madagaskarwevervogels en de uiterst zeldzame ploegschaarschildpadden. Daarnaast is het de bedoeling dat het flora-aspect van de natuur hier nadrukkelijk naar voren komt, met onder andere de waterbanaan als bijzondere verschijning.
Via het ‘Komodo Ranger Station’, een educatieve tussenruimte, kom je in de rest van de nieuwe kas. In deze ruimte ga je op expeditie langs de Komodovaranen en Galapagosreuzenschildpadden, beide reusachtige reptielensoorten, van elkaar visueel gescheiden door een flinke hoeveelheid beplanting. In het segment van de Komodovaranen loopt het pad langs de muur van de ruimte, met de varanen in de binnenbocht. Vergelijkbaar met de Krokodillenrivier kijk je hier van bovenaf het verblijf in, dat ongeveer één of twee meter lager dan het pad ligt. De opzet van het verblijf is in vele opzichten eigenlijk het beste van twee werelden, vergeleken met de huidige verblijven in het Aziëhuis en de Rivièrahal. In tegenstelling tot het Aziëhuis wordt er uitgegaan van een doorgaans gescheiden bestaan van het mannetje en vrouwtje, met alleen contact tussen de dieren wanneer het vrouwtje vruchtbaar is. Tevens wordt het verblijf ingericht zodat er weer lekker gegraven kan worden zoals dit het geval was in de Rivièrahal, met een gronddiepte variërend van 50 tot 75 centimeter. Ook komt er weer een waterpartij voor de dieren om in de zwemmen, een van de grote verbeteringen in het Aziëhuis. Daarnaast wordt het verblijf uitgerust met sproei-installaties en UV-lampen.
Via een educatief hutje kom je bij de reuzenschildpadden. Dit gedeelte is het minst nauwkeurig uitgewerkt van de drie zones. Wel is het goed duidelijk geworden dat er veel wordt ingegaan op de geologie van de archipel, gevormd door water en vuur. Er komt een stuk met zeewater, omgeven door gestolde lava en meer van dit soort rotsblokken liggen verspreid door het perk. Leuk voor het publiek, maar ook nuttig voor de dieren: in gevangenschap kampen schildpadden vaak met pootproblemen omdat ze te weinig bewegen en het is bewezen dat enig reliëf goed is voor de ontwikkeling van dat soort spieren. Het pad loopt dwars door het perk heen met halverwege een brug waar de schildpadden onderdoor kunnen.
Aan de andere kant van de Diergaarde, bij de Oude Ingang, sleept zich al jaren een bouwproject voort: de aanpassingen aan het Flamingo-Strand. Door een nieuwe wet mogen vogels niet meer geleewiekt worden: de permanente ingreep waardoor vogels niet meer kunnen vliegen. Grootschalig kortwieken van de flamingo’s is niet haalbaar, dus is het onvermijdelijk dat er een volière moet worden gemaakt over het bestaande flamingoverblijf. Meteen stuitte dit plan echter op veel weerstand vanwege de strenge regels die gelden voor dit stukje Diergaarde, met oog op Van Ravesteyns monumentale ontwerpen. Maar, er zit schot in de zaak! Inmiddels heeft Blijdorp een architect in arm genomen die zich specialiseert in dit soort zaken en er is nu een ontwerp dat hopelijk zonder veel ophef uitgevoerd kan worden. Het wordt een ronde volière, waar de bezoeker naar binnen kan en vanaf een vlonder de dieren kan bewonderen. Er wordt gestreefd om de nieuwe volière dit najaar op te leveren.
Bij de Nieuwjaarslezing werd echter niet alleen gekeken naar wat voor plannen dit jaar verwezenlijkt kunnen worden. Erik Zevenbergen ging ook in op de financiële situatie van het park. De exploitatie van de dierentuin is voldoende om de bedrijfsvoering mee rond te krijgen, maar het budget staat weinig toe op het gebied van grote bouwprojecten. Daarom wil de Diergaarde zich wenden tot externe partijen, zoals de directeur ook al liet weten bij zijn
In de nieuwe toekomstplannen wordt gekeken naar het combineren van de vijf rijksmonumenten die nog gerestaureerd moeten worden (Rivièrahal, Takinrots, Grote Vijver, Bongostal en Bosrendierenstal) met vooruitstrevend dierenwelzijn. Een mooi voorbeeld hiervan zijn de plannen voor de Takinrots. Het is een vrij simpel concept: de rots wordt in ere hersteld en gaat onderdak bieden aan de rode panda’s en kuifhertjes. Het Europese fokprogramma’s van beide soorten staat onder beheer van de Diergaarde en daarom vindt Blijdorp het belangrijk om toonaangevend te zijn met de huisvesting van deze dieren. Er wordt gekeken naar de mogelijkheden om de flinke lap grond achter de rots ook op te nemen in het verblijf.
Eveneens vrij eenvoudig zijn de plannen die gemaakt zijn voor de Victoria Serre, het deel van de Rivièrahal dat het dringendst toe is aan onderhoud. Blijdorp dient zich hier te houden aan de bestaande paden en architectuur. Het is de bedoeling dat de Tropenvleugel, net als nu, onderdak gaat bieden aan zeldzame tropische vogels. Er gaat veel aandacht besteed worden aan voorlichting en fokprogramma’s, het wordt wel omschreven als ‘ontmoetingsplek’ voor mens en dier. De bouwwerkzaamheden zullen zich dus hoofdzakelijk focussen op puur restaureren.
De Grote Vijver wordt omschreven als ‘blank canvas’. De diverse geschiedenis van het complex betekent dat er best veel mogelijk is met de restauratie. Er zijn hele uiteenlopende ideeën over het gebruik van het hoofdeiland en de kleinere omringende eilanden. Ook wordt er gekeken naar de toekomst van tijgers in Blijdorp: de huisvestingseisen voor deze katachtigen is sterk veranderd sinds de oplevering van de Tijgerkreek en het wordt steeds moeilijker om hieraan te voldoen. Mogelijk wordt het verblijf omgebouwd tot perken voor andere soorten, zo werden er tapirs en nevelpanters genoemd als mogelijkheden. In andere versies wordt het gebruikt als horecapunt en in weer andere versies wordt het eiland in de Grote Vijver een terras en worden de omringende eilandjes gebruikt als waterspeeltuin. Kortom: de toekomst van de Grote Vijver staat geenszins vast.
Écht spraakmakend wordt het overigens pas bij de dromen die Blijdorp heeft voor het olifantenverblijf. Taman Indah was eens het toonbeeld van dierenwelzijn en de Diergaarde wil dat het dat weer wordt. Het buitenverblijf moet groeien: het bongoverblijf, het kamelenverblijf en het gehele Aziatisch Moeras worden allemaal opgenomen in het verblijf. Het resultaat is een reusachtig perk, dat de olifanten toestaat om op natuurlijke wijze ‘rond te trekken’. De Vleermuizengrot krijgt een nieuwe bestemming als binnenverblijf voor de mannelijke olifant (of mogelijk meerdere bullen, de nieuwe afmetingen zouden dat toestaan). De oude ‘papegaaienlaan’ zou ook kunnen terugkeren in de vorm van het ‘olifantenduct’ dat al vaker besproken is in het verleden. De bongostal kan, vergelijkbaar met de Toko Tjitjak, worden omgetoverd tot een horecapunt met uitzicht op het olifantenverblijf. Hoewel het misschien klinkt alsof deze plannen gepaard gaan met het verdwijnen met veel diersoorten, valt dit best mee nu het Aziatische Moeras steeds meer leegloopt. Er wordt nog gekeken naar mogelijkheden om ook andere dieren met de olifanten samen te laten leven.
Al dit toekomstdromen werd afgesloten met de opening van de Vriendenbazaar. Een aantal van de vrijwilligers lieten een zeil met daarop een foto van de oude Vriendenwinkel zakken en onthulden zo het nieuwe gebouw, dat thematisch aansluit op de rest van het Keuzeplein en de poort naar het Azië-gedeelte. Het nieuwe pand is een hele verbetering: in plaats van in weer en wind buiten te staan en onder een afdakje naar wat knuffeldieren te kijken, kan je nu naar binnen en daar rustig rondkijken. Dit maakt het hopelijk niet alleen wat aantrekkelijker om er iets te kopen, maar betekent ook dat de vrijwilligers er beter kunnen vertellen wat de Vrienden van Blijdorp allemaal betekenen voor de Diergaarde. Hopelijk wordt het goed zaken doen: des te sneller kunnen alle mooie plannen die hierboven genoemd zijn werkelijkheid worden.









