Gorilla’s weg

Afgelopen november kondigde Blijdorp aan geen toekomst te zien voor gorilla’s in Rotterdam. Met het stilvallen van de fok door de dood van Bokito en met de naderende renovatie van de Rivièrahal moest een knoop doorgehakt worden: óf een nieuwe zilverrug binnenhalen en flink investeren in het verbeteren van de huisvesting, óf afscheid nemen van de groep en die fondsen en grond in andere dieren steken. Na veel wikken en wegen is Blijdorp voor optie twee gegaan. Het transport van het jongvolwassen mannetje Aybo was al geregeld, maar wanneer voor de overige dieren een mooi plekje gevonden zou zijn, stond nog niet vast. Inmiddels heeft de EEP-coördinator vrouwtje Tamani en haar kinderen Tonka en Thabo toegewezen aan het Zuid-Italiaanse Zoosafari Fasanolandia. Tamani kwam eind 2000 naar Rotterdam, toen de gorillagroep op de schop werd gedaan om inteelt te voorkomen. Ze heeft hier zes kinderen op de wereld gezet: Thomas (2002-), Thirza (2007-), Tuena (2009-), Tamu (2011-2011), Tonka (2012-) en Thabo (2015-). De afgelopen jaren zat ze aan de pil om te voorkomen dat de genen van Bokito oververtegenwoordigd zouden worden, naar verluidt zal ze in Italië weer mogen fokken. Het ga jullie goed! In Rotterdam resteren nog drie gorilla’s: Aya, Ayba en Ajabu. Vermoedelijk duurt het nog wel even voordat ook zij uitvliegen en er definitief een einde komt aan ruim 150 jaar zorg voor mensachtigen in de Maasstad.
Welkom!

Nieuw in de Victoria Serre: de groene kardinaal (Gubernatrix cristata), een geel-groen zangvogeltje uit de Zuid-Amerikaanse pampa en Gran Chaco. Door oprukkende landbouw en hardnekkige vangst voor de illegale huisdierhandel resteren slechts 2.000 individuen van deze soort in het wild, waardoor ze als bedreigd op de Rode Lijst staan. Hopelijk vindt het nieuwe koppeltje snel hun draai in de waterleliekoepel van de Tropenvleugel van de Rivièrahal. Bij hun huisgenoten, de Braziliaanse tangaras, is voor het eerst sinds tijden weer een vrouwtje te zien, dus wie weet zit er wel een dubbele baby boom aan te komen! Overigens zijn in het centrale segment van de Victoria Serre momenteel geen dolksteekduiven te zien, en zijn uit de Van-Harencarspel-kooi de papoeamaina en het koppeltje Balispreeuwen verdwenen. Blijdorper Bende kan momenteel nog niet bevestigen wat hiervoor de reden is.
Weverloos weverkopje

Niet alleen voor ouderen en mensen met zwakke immuunsystemen, maar ook voor de vogels in Blijdorp is de tijd voor de griepprik weer aangebroken. Dat betekent een heleboel vangen, verplaatsen en monitoren, wat de verzorgers meteen de kans geeft om sommige inwoners een ander uitzicht te geven. De meest opvallende verhuizing is die van de grote textorwevers: dat groepje is afgelopen najaar afgeslankt tot iets meer dan een tiental. Vermoedelijk hebben de ratten een weg naar binnen gevonden bij het Weverkopje. De overlevers brengen het voorjaar daarom door in het ex-verblijf van de slurfhondjes in de Krokodillenrivier. Inmiddels is duidelijk geworden dat dit geliefde zoogdiertje niet zal terugkeren naar Rotterdam na het overlijden van het laatste individu: er is simpelweg te weinig genetische diversiteit om op ethische wijze de fok door te zetten. De leegte die de wevers achterlaten in het Weverkopje wordt voorlopig opgevuld door een groepje bruine muisvogels, voorheen woonachtig in de Okapi-Volière. Andere vogelshuffles zijn er bij de geribbelde jaarvogels (overgeplaatst van Taman Indah naar de Victoria Serre), de helmparelhoenders (het groepje uit het makiverblijf is overgeplaatst naar hun soortgenoten in de Gierenrots), de casarca’s (één koppeltje resteert in de Gierenrots, een tweede koppel zit in de Okapi-Volière en een vrijgezel zit in de Grote Vijver), de witwangfluiteenden en marmertalingen (terug van weggeweest bij de okapi’s) en de gele boomeenden (een duo is overgeplaatst van het Aziatisch Moeras naar de okapi’s).
Ex-ara’s en ex-ibissen

Nu we het toch over vogels hebben: hoe gaat het met de bouw van het nieuwe volièrecomplex aan de Oceanium-zijde van de Diergaarde? Bij de nieuwjaarslezing in januari kondigde het park al aan dat deze tóch geen Zuid-Amerikaanse invulling zou krijgen, maar een Centraal en West-Afrikaans tintje. Dit, omdat het huidige Amerikaanse themagebied de beoogde ontwikkelingszone voor African Jungle is. Daarmee is dit project opeens het startschot voor het Masterplan 2050! Inmiddels is de ‘harde’ bouw aan het afronden en kan bijna begonnen worden met het aankleden van de twee verblijven. Blijdorp laat weten dat de volières nog voor de zomervakantie geopend zullen worden. Laatst wist ZooFlits aan de woordvoerster van de Diergaarde de namen van enkele van de nieuwe inwoners te ontfutselen: grijze roodstaartpapegaaien aan de oostzijde (spoorkant) en Afrikaanse lepelaars aan de westzijde (maki-kant). Blijdorper Bende kan daaraan nu toevoegen dat de kleine zilverreigers, Afro-Euraziatische kwakken en gele boomeenden uit de Grote Vliegkooi eveneens worden voorbereid op een verhuizing naar de westvolière. Er wordt nog druk gekeken naar het verwelkomen van nieuwe vogelsoorten uit andere parken.
Erfenis

Over het einde van het Zuid-Amerikaanse themagebied gesproken: hoe gaat het in Amazonica? In september werd de iconische tropenhal gesloten in verband met omvangrijke en diepgaande schade aan de dakconstructie en de bassins. Om een nadere bouwkundige inspectie mogelijk te maken, is het nodig dat alle inwoners het gebouw verlaten. Dat is inmiddels ook grotendeels gebeurd: nieuwe vlindercocons worden verwijderd en de meeste vissen zijn inmiddels uitgeplaatst. Voor de piranha’s en en kopstaanders was nog wel een plekje in het Oceanium. Inmiddels zijn ook de Ecuadoraanse roodvoetspinnen verhuisd naar het Natuurbehoudscentrum. Daar zijn in een naburig terrarium nu trouwens ook enkele Antilliaanse wandelende takken (Diapherodes gigantea) te bewonderen. Een cadeautje van Biotropica, die de arrauschildpadden uit Amazonica onder hun hoede hebben genomen.
Restauratie

Eveneens werkzaamheden in het zuidelijkste hoekje van de dierentuin. Na ruim tachtig jaar weer en wind getrotseerd te hebben, snakt de rendierenstal naar een grondige opknapbeurt. Het houten gebouw is nog van de hand van Sybold van Ravesteyn, wat betekent dat er een heleboel kleine ornamenten zijn die aandacht behoeven. Het is bedoeling dat de klus nog voor de zomer geklaard is. Blijdorp grijpt de gelegenheid meteen aan om het naburige wallabyverblijf in de lak te zetten. Gelukkige treinreizigers kunnen de rendieren en wallaby’s spotten in hun tijdelijke perk in de spoorwegdriehoek (trajecten R’dam-S’dam, R’dam-Alexander & de HSL).
Drukte van belang

Op vrijdag 22 maart organiseerde Blijdorp voor de tweede keer een wetenschappelijk congres in het Eauditorium en de Haaienzaal van het Oceanium. Zo biedt het park een podium aan de vele onderzoeken die momenteel binnen en rondom de Diergaarde plaatsvinden, uiteenlopend van experimentele radiozenders voor zwarte neushoorns in Namibië tot het systematisch verbeteren van het welzijn van de vissen in het Oceanium. Een bijzondere aankondiging is dat er door onderzoekers van de Universiteit Utrecht, in samenwerking met (ex-)medewerkers van Blijdorp, inmiddels een vergunning is aangevraagd voor het uitbrengen van een vaccin tegen olifantenherpes (EEHV). Vrijwel alle olifanten komen in de loop van hun leven in aanraking met dit virus, waarna het latent in het lichaam aanwezig blijft. Meestal gaat dat goed, maar als dieren op jonge leeftijd niet voldoende weerstand opbouwen door een gebrek aan blootstelling of stress, kan een heropleving van het virus dodelijk zijn. Metingen wijzen erop dat met name Radjik momenteel in een belangrijk immunologisch stadium verkeert. Dat is een van de beweegredenen achter het recente nieuws dat Blijdorp over een paar maanden een nieuwe olifantenbul in ontvangst hoopt te nemen. Wanneer het vaccin goedgekeurd wordt, zou dat een significant makkelijkere manier zijn om het leven van olifanten te redden.
Noodopvang

“Ietwat onverwachts heeft Diergaarde Blijdorp twee nieuwe inwoners”, schreef Blijdorper Bende afgelopen december over de reddingsactie voor twee Kemps zeeschildpadden. Het lijkt wel alsof we de zeegoden daarmee beledigd hebben, want binnen de kortste keren spoelden nog eens zeven(!) dikkopzeeschildpadden aan op verschillende plekken in Nederland. Na het jammerlijke overlijden van Kemps nummero twee (‘Bløf’) zwemmen achter de schermen van het Oceanium nu acht opvangschildpadden rond. Blijdorp fungeert als landelijk opvangcentrum voor aangespoelde zeeschildpadden. Om de dieren iets meer bewegingsvrijheid te geven heeft het park geëxpirmenteerd met één dier, dikkop ‘Brick’, uitplaatsen naar het publieke mangrovebassin, maar dat was geen succes. De inwonende vissen gristen al het eten weg voordat hij aan zijn maaltijd kon komen. Dat wil overigens niet zeggen dat geen van de gasten momenteel zichtbaar zijn voor bezoekers: enkele meegelifte eendenmosselen zijn te zien het Kelpwoud. Aan de hand van deze piepkleine kreeftachtigen wordt momenteel onderzocht waar de aangespoelde zeeschildpadden vandaan komen.
Geboortegolf

Langzaam maar zeker beginnen de lentekriebels te heersen in Diergaarde Blijdorp. Heugelijk is de geboorte van een Mhorr-gazelle. Kennelijk valt de nieuwe bok Theo in de smaak bij de dames! Het is het eerste jong voor vrouwtje Mandy, maar ze doet het uitstekend. Een welkome aanwinst, want de Mhorr-gazelle is uitgestorven in het wild en bestaat alleen voort in dierentuinen en omheinde wildparken. Het is de eerste mini-mhorr in Rotterdam sinds de oude fokman in 2020 overleed. Nog langer was de fokpauze bij de baardapen, waar de laatste (succesvolle) geboorte zes jaar geleden plaatsvond. Afgelopen najaar is flink geschroefd aan de groepssamenstelling en ogenschijnlijk werpt dat zijn vruchten af. Een klein aapje houdt moeder Stehlen stevig vast, de vader is Damarai. Even verderop, bij de Indische antilopen, stappen tevens twee kleintjes rond. Met een beetje geluk geldt dat binnenkort ook weer voor de vissende katten en dwergmangoesten, want daar zijn respectievelijk een mannetje en een vrouwtje verwelkomd.
Goede tijden
Maleise tapir Pooh is drachtig! Dat kondigt Blijdorp aan op sociale media. Naar verwachting wordt de kleine deze zomer geboren. De vader is Ketiga (‘Tygo’). Drie keer eerder zette Pooh een kleine dikhuid op de wereld, wat haar erg belangrijk voor het fokprogramma maakt. Toevallig heeft de Diergaarde laatst ook het buitenverblijf van deze bedreigde herbivoren opgezomerd. Door de aanleg van een nieuw tussenmuurtje kan het perk voortaan opgesplitst worden, waardoor het makkelijk wordt om zowel Pooh als Ketiga naar buiten te laten.

Foto: Cor de Gier (BB-Facebook). Vernieuwde tapirverblijf.


































Hoewel het niet exact duidelijk is op welke onderdelen van het ontwerp bezuinigd wordt, blijft de opzet grotendeels ongewijzigd. Waar het ringstaartverblijf een weergave is van het uitgestrekte droge ecosysteem op Madagaskar, komen bezoekers na hun rondje door de buitenlucht terecht in een vochtige, tropische hal. Hier worden de regenwouden van de oostkust nagebootst. Hier krioelt het van de levensvormen en dat blijkt ook uit de oorspronkelijke plannen: kameleons, Madagaskarwevers, boegsprietschildpadden, smalstreepmangoesten en muismaki’s zijn stuk voor stuk genoemd. Ook de ploegschaarschildpadden, spinschildpadden en Madagaskarleguanen, tegenwoordig in het Natuurbehoudscentrum ondergebracht, behoren tot de opties. De fauna wordt ondergebracht in aparte verblijfjes die binnen in de kas gecreëerd worden. Ook de botanisten kunnen er hun hart ophalen. Madagaskar staat immers bekend om unieke flora zoals de waterbanaan en de reizigerspalm. Het groen wordt zeker niet uit het oog verloren bij het invullen van de kas.
Madagaskar beslaat grofweg een derde deel van de beoogde uitbouw, aan het oostelijke uiteinde. Wat resteert, vormt één ruimte zonder tussenmuur, maar beslaat desalniettemin twee totaal verschillende werelden: Komodo, gelegen in de Kleine Soenda-eilanden, en de Galapagos, een archipel in de Stille Oceaan. Allereerst bezoeken we Komodo: een stukje UNESCO Werelderfgoed. In tegenstelling tot grotere Indonesische eilanden zoals Borneo en Sumatra, bestaat Komodo vooral uit tropische savannes – vanzelfsprekend zal het verblijf niet al teveel weelderige planten tellen. In het recente verleden hebben de Komodovaranen in Blijdorp twee onderkomens gehad: één in de Rivièrahal en één in het Aziëhuis. Uit beide verblijven heeft de dierentuin lering getrokken en het verblijf wordt dan ook uiterst diervriendelijk. Met een gronddiepte van tussen de 50 en 75 centimeter diep kan er naar hartenlust worden gegraven en er kan gezwommen worden in een waterpartij. Doorgaans zullen de dieren individueel verblijven in hun eigen ruime verblijven en alleen wanneer het vrouwtje vruchtbaar is, worden de perken gekoppeld. Als bezoeker kijk je van bovenaf het verblijf in: niet geheel ongelijk aan de Krokodillenrivier, alleen bedraagt het hoogteverschil hier slechts één à twee meter.
Visueel wordt deze helft gescheiden van het volgende segment door beplanting en een hutje, bestemd voor uitleg over wat er komen gaat: de Galapagos! Haar extreme isolatie maakte deze eilandenreeks (eveneens Werelderfgoed) tot een informatieschat voor de alom bekende bioloog Charles Darwin, met als bekendste voorbeeld natuurlijk de Galapagosreuzenschildpadden. Het bezoekerspad slingert vanaf het hutje dwars door het lager gelegen schildpaddenverblijf heen, al kunnen de schildpadden onder een brug door om beide helften bereiken. Het verblijf wordt gethematiseerd door de twee ouders van de Galapagos: water en vuur. Door het verblijf worden afgekoelde lavaformaties verspreid, er komt een stuk van het verblijf met zout water en zelfs het pad kleurt zwart. Niet alleen zijn al deze ontwerpkeuzes leuk voor het publiek, maar ze zijn ook nuttig. Galapagosreuzenschildpadden zijn niet per se solitair, maar ze hebben van tijd tot tijd ook best behoefte aan wat rust. Een visuele barrière in de vorm van het verhoogde pad zou daarbij van pas komen. Ook zouden de zogenaamde lava flows enig reliëf geven, wat een goede spieroefening is voor deze zwaargewichten die bij een egale grond soms pootproblemen ontwikkelen. Oudere concepten uit 2018 tonen ook een mogelijk buitenverblijf, al wordt dit in recentere ontwerpen niet getoond.
Eerdere ontwerpen laten ook wat andere interessante ontwerpkeuzes zien. Zo loopt de verzorgersruimte onder het bezoekerspad en is er onder de Galapagos-hut ruimte om de dieren te separeren. Ook werd er nagedacht over een doorsteek, bedoeld voor drukke dagen, waardoor bezoekers desgewenst direct van het begin van het Komodosegment naar de ingang van het Natuurbehoudscentrum kunnen lopen. Opmerkelijk is dat op de plattegronden een verblijfje voor de Filipijnse zeilhagedis is ingetekend bij deze bypass, want deze oude bekende uit het Aziëhuis krijgt al een onderkomen in het Natuurbehoudscentrum.