
Nederlandse dierentuinen dreigen dit jaar 70% van hun inkomsten mis te lopen: een financiële aderlating die geen enkel bedrijf zou kunnen incasseren. Diergaarde Blijdorp uit Rotterdam is op zich een gezonde organisatie, zo bleek uit het recent verschenen jaarverslag: in 2019 boekte de dierentuin een winst van 1,8 miljoen. Normaliter zou dit bedrag later weer in nieuwe bouwprojecten gestopt worden, maar de pandemie stak daar een stokje voor: ”Als gevolg van de sluiting van Blijdorp zijn alle geplande investeringen en onderhoudswerkzaamheden stilgelegd”, zo luidt het. Diergaarde Blijdorp heeft tijdens de sluiting immers 8,5 miljoen euro aan omzet misgelopen en zelfs met de huidige overheidsregelingen moeten alle zeilen de komende tijd bijgezet worden, zo maakten enkele doorgerekende scenario’s in het jaarverslag duidelijk: ”Bij een sluiting van 3 maanden zijn de tijdelijke noodmaatregelen onvoldoende om de komende 12 maanden door te komen (…). Door Blijdorp worden er momenteel gesprekken gevoerd met banken en andere partijen over mogelijke steun.” Juist in deze zware tijden is het hartverwarmend dat de vereniging Vrienden van Blijdorp bijspringt: een lichtpuntje in de duisternis.

De Vrienden van Blijdorp vormen al decennialang een trouwe achterban die helpt met geld en goede wil. Soms komt dat neer op spectaculaire giften, zoals vlinderkoepel Amazonica, maar vaak helpen ze ook met kleine ondernemingen. Neem bijvoorbeeld het overnetten van het Flamingo-Strand: al enkele jaren houden de Vrienden een potje geld gereed voor dit plan, waar de Welstandscommissie overigens recentelijk, na jaren van gesteggel, eindelijk goedkeuring voor heeft gegeven. Ook nu steken de Vrienden Blijdorp een hart onder de riem: ”Als vereniging komen wij in actie en zamelen wij de komende tijd 75.000 euro in om de Diergaarde te steunen, om zo ervoor te zorgen dat een aantal belangrijke projecten door kunnen gaan.”

Het geld komt ten goede aan meerdere operaties. Zo wordt het Natuurbehoudscentrum dankzij deze bijdrage weer wat groter: het grote aquarium, een overblijfsel uit de tijd dat stukje Oceanium nog de Zee van Cortez werd genoemd, wordt overgeschakeld van zout op zoet water. Zo kunnen hier binnenkort enkele zeldzame cichliden uit Madagaskar rondzwemmen. Bij de Dikhuidenvleugel van de Rivièrahal moet ook het een en ander gebeuren: omdat hier later dit jaar een jong neushoorntje verwacht wordt, wordt er aan het buitenverblijf gesleuteld. Zo kan het qua dierenwelzijn weer wat jaartjes vooruit en is het bestendig tegen een extra stel denderde pootjes. Een andere kritiek bedreigde diersoort die erop vooruit gaat, is het Visaya-wrattenzwijn. Nadat ze op vier andere eilanden uitgeroeid werden, komen ze nu alleen nog voor op twee Filipijnse eilandjes: Panay en Negros. Uit angst dat ze ook daar uitsterven, wordt er in Europese dierentuinen gefokt met de soort. Dit verblijf doet echter al sinds de jaren ’90 dienst en het perk kan wel een opfrisser gebruiken. Zo is het eigenlijk niet meer van deze tijd dat bezoekers zó dichtbij de varkens kunnen komen, dat is te riskant voor mens en dier. Ook wordt het verblijf ietsjes ruimer door een nieuwe kijkplek te creëren vanaf het Amoer-vlonder bij de pelikanen.

Tot slot wordt er met het geld ook ter plekke, in situ, geholpen: in 2019 doneerde Blijdorp meer dan €140.000 aan natuurbeschermingsprojecten, waarvan ongeveer een derde ten goede kwam aan de rode panda. Verder ontving de Asian Nature Conservation Foundation (olifanten) €15.000 van Blijdorp, gingen er donaties van €10.000 naar het WWF (klimaatonderzoek ijsberen) en Alterra (witkopgieren), nam NCF India (jaarvogels) €7.500 in ontvangst en gingen er in Afrika sommen van tussen de vier- en vijfduizend euro naar het Okapi Conservation Project, WAPCA (mangabeys) en het Ruaha Carnivore Project (leeuwen). Ook waren er fondsen van ongeveer tweeduizend euro voor de Wildlife Conservation Society (gorilla’s), Selamatkan Yaki (kuifmakaken), Indian Rhino Vision 2020 (Indische neushoorns), de Rhino Dog Squad (zwarte neushoorns), het Rhino Sanctuary in Mkomazi (zwarte neushoorns), de EAZA Silent Forest Campaign (Aziatische zangvogels), de Universiteit van Pisa (gelada’s), Madagasikara Voakajy (Malagassische natuur) en STENAPA (zeeschildpadden). Het Fundacion Proyecto Titi (pinchéaapjes) en Wae Wuul Reserve Protection Programme (Komodovaranan) konden beide rekenen op duizend euro steun, met tot slot nog €16.500 voor noodhulp van verscheidende aard, met onder andere de Turtle Surival Alliance als ontvanger. Collectief zijn de leden van de wereldwijde dierentuinorganisatie WAZA met $350 miljoen per jaar de derde grootste geldschieters voor natuurbehoud, na The Nature Conservancy en het WWF. Binnen de komende tien jaar hoopt Blijdorp zijn jaarlijkse natuurbeschermingsfonds uit te breiden tot een miljoen euro, maar met deze ondersteuning hopen de Vrienden van Blijdorp in ieder geval te kunnen bereiken dat er dit jaar geen projecten afgelast hoeven te worden.
Kleine beetjes maken veel: dat hebben de Vrienden van Blijdorp keer op keer bewezen. Wil jij onderdeel zijn van de club die Blijdorp uit de brand probeert te helpen? Met een contributie van nog geen 50 euro help je niet alleen daarmee, maar ontvang je per jaar ook vier magazines met exclusieve behind-the-scenes verhalen en kan je ieder jaar vele interessante lezingen gratis bijwonen waarbij je je vragen kan stellen aan Blijdorp-medewerkers en natuurexperts. Klik HIER om naar de website van de Vrienden te gaan voor meer info en onthoud: vrienden maken het verschil.

Foto: Coby van Hespen (BB-Facebook). Niet alleen coördineert Blijdorp het Europese fokprogramma van de rode panda, maar ze zijn ook nog eens nauw betrokken bij de Noord-Amerikaanse, Australische, Japanse, Indiase en Chinese fokprogramma’s. In geen enkele dierentuin is zoveel voortplantingssucces geweest als in de Rotterdamse Diergaarde.

Geen eindeloze wachtrijen voor de kassa’s, gesloten souvenirwinkels en eenrichtingsverkeer: Diergaarde Blijdorp gaat per 20 mei weliswaar weer open voor abonnementhouders, maar het komt met enkele kanttekeningen. Ter voorbereiding op de heropening worden er deze week al enkele proefdagen georganiseerd om te kijken hoe de maatregelen uitpakken. De medewerkers en hun familie waren zo’n testgroep, alsmede de vrijwilligers en de belangrijke zakenrelaties. Ook de trouwste supporters van de dierentuin, de Vrienden van Blijdorp, mogen alvast komen voorproeven. Een aanbod waar ook ik, als lid van de vereniging, natuurlijk geen nee tegen zei. Eén ding kan ik beamen: post-pandemie Blijdorp is gelukkig geen dystopie van dwanghekken.
Vanaf aanstaande maandag kunnen abonnementhouders online een entreebewijs reserveren, waarvan er per dag maximaal 500 te vergeven zijn. Je hebt een kwartier de tijd om je kaartje vanachter plexiglas te laten scannen bij de hoofdingang en ontvangt direct een plattegrond. Aangenaam nieuws: het Oceanium, verreweg de grootste overdekte attractie in Blijdorp, is gewoon geopend voor bezoekers. Wel wordt er in de twee aquariumtunnels een beleid van ‘links is gaan, rechts is staan’ nageleefd door personeelsleden en zijn de kijkplatformen bij de zeeleeuwen, de Kwallenhoek, de Zeereservaat-Expo, het Publiekslab, het makiverblijf en het ‘glazen huis’ in het Natuurbehoudscentrum afgesloten. Een stukje verderop, in de open buitenlucht, is ook de hoofdroute netjes gemarkeerd met bordjes en linten in de huisstijl van Blijdorp. In de IJsgrot kan je alleen langs de onderwaterruiten van de ijsberen lopen, de vele nauwe paadjes achterin zijn niet toegankelijk. Ook het doodlopende pad langs de Prairie is afgesloten, idem voor het pad door de ibisvolière. Bij het verblijf van de prairiehondjes en de nabijgelegen ‘Amazonica-loop’ komen we het eerste grote stuk waar eenrichtingsverkeer geldt tegen. De gigantische vlinderkoepel is gewoon toegankelijk, al kan je even niet door de ruit van het meer kijken.
Aan de andere kant van de spoorweg, de Rivièrahal-Zijde, wordt goed duidelijk hoe lang de Diergaarde eigenlijk wel niet gesloten was: alle planten pronken ‘opeens’ felgroen en staan in volle bloei. Hoewel je de Gierenrots-volière niet in mag gaan, kan je van buitenaf goed zien dat er heel wat gebroed wordt door de inwonende aaseters. Ook valt in de hele Diergaarde op dat men niet stilgezeten heeft tijdens de sluiting. Vervallen hekjes staan er weer netjes bij, plantsoenen zijn aangeplant en bij het vlonder langs de giraffen is het gele spandoek deels vervangen door houten pilaren. Even terug, bij de hoofdingang, zijn de keien in de berm zelfs vervangen door een heus perceel met primula’s en een insectenhotel! Terug naar Afrika: daar is eenrichtingsverkeer van kracht in de Krokodillenrivier en de Okapi-Volière (op die volgorde). Als je vrede sluit met af en toe even in een kleine file staan, is het allemaal prima te doen met die anderhalve meter afstand.
Als je via de penseelzwijnen, bosbuffels en zwarte neushoorns (waar Blijdorp met grote markeringen op de grond zijn best doet om de bezoekersstroom te sturen) je weg vervolgt, kom je bij nog zo’n eenrichtings-stukje aan: het pad rondom het gorillaverblijf. Bij de aangrenzende Oewanja Kinderjungle is, zoals overal, alleen het afhaalpunt van het restaurant geopend, de deuren van het Roofdieren-Gebouw blijven dicht en wie de Wallaby-Walkabout wil betreden, moet dat doen via de kant van het directiegebouw. De Rivièrahal is met afstand het grootste slachtoffer van de COVID-19-maatregelen: de Westvleugel, de Tropenvleugel en de binnenspeeltuin zijn allemaal gesloten. Het grote Azië-themagebied is daarentegen wel grotendeels geopend, zij het wederom met eenrichtingsbeleid in opeenvolgend het Amoergebied, de Maleise Bosrand, de Chinese Tuin, het Aziatisch Moeras en de Himalaya. Het doodlopende pad naar het Longhouse is wel afgesloten, alsmede het doodlopende pad naar het binnenverblijf van de kuifmakaken. Ook de kleine Moerasvolière, Taman Indah en de Grote Vliegkooi blijven dicht. Wie langs de bamboestengels gluurt, kan zien dat de inwonende vogels met volle teugen genieten van de vrijgekomen bezoekerspaden. Een bezoek aan de Tijgerkreek en het buitenverblijf van de olifanten completeert een rondje Blijdorp: ook hier zijn enkele bospaadjes afgesloten met strategisch geplaatste bankjes en geldt bij de resterende delen eenrichtingsbeleid, richting de afgesloten Tweeling-Gebouwen.











De presentatie werd niet afgetrapt met plattegronden of sfeerimpressies, maar met een indringende foto van houtkap in de Amazone. Erik Zevenbergen: ”Het Masterplan gaat niet zomaar over de toekomst van de dierentuin, maar over natuurbehoud, over dat we het gevoel van verbondenheid kwijtraken met de natuur en het vernietigen. Het uitsterven van planten- en diersoorten is iets waar wij als mens schuldig aan zijn, ver weg maar ook dicht bij huis. Wat laten wij achter? Het gaat niet lukken om het tij te keren in de komende tien jaar, maar we kunnen wel de volgende generaties het geloof en de hoop meegeven dat het niet te laat is. Wij kunnen dat positieve geluid zijn, wij kunnen dat verschil maken.” De toon was direct gezet.

