Nieuwjaarslezing 2024!

Foto: Greet van Norde (Vrienden van Blijdorp)

Op 14 januari gaf Diergaarde Blijdorp de eerste nieuwjaarslezing sinds de presentatie van het Masterplan 2050. De bijeenkomst stond in het teken van het toelichten en onderbouwen van de nieuwe toekomstvisie van de dierentuin. Als kers op de taart lichtte de Diergaarde het tipje van de sluier op wat betreft de concrete uitvoering en realisatie van de veelbelovende doelstellingen. Directeur Erik Zevenbergen benadrukt het belang van samenwerking, zowel met andere organisaties als met de achterban: “Je kan wel een koploper zijn, maar daar heb je weinig aan als je niemand in de achteruitkijkspiegel ziet.”

Asian Corridors

Foto: Jan de Neijs (BB-Facebook). Aziatische olifant.

Deelproject ‘Taman Indah 2.0’ is het onderdeel van het Masterplan 2050 dat als eerste van de grond zal komen. De bouwplannen verkeren al in een gevorderd stadium, eerder deze maand berichtte ZooFlits namelijk al dat er vergunningaanvragen ingediend zijn bij de gemeente. Helaas moeten de fans het nog steeds zonder plattegronden of concrete toezeggingen stellen. Het basisidee is nog altijd om een riant verblijf voor jongvolwassen mannetjesolifanten te realiseren op de huidige locatie van de kamelenweide en Grote Vliegkooi. Om deze te verbinden met het bestaande perk wordt in de huidige bamboevallei een ‘oliduct’ aangelegd over het bezoekerspad.

De bijbehorende binnenverblijven worden waarschijnlijk tegen de vervallen Vleermuizengrot aan gebouwd. Dat pand wordt meteen opgelapt en zal gaan dienen als binnenverblijf voor de François’ langoeren. Zij krijgen vanzelfsprekend ook een buitenverblijf. Ingewijden melden dat Blijdorp nog steeds speelt met ideeën voor meer van zulke ‘satellietverblijfjes’ rondom het olifantenperk. Primaten, hoefdieren, schildpadden en otters zijn terugkerende suggesties. Ook komt er waarschijnlijk een nieuw horecapunt, al is het nog niet helemaal duidelijk of deze langs de zuidrand of juist in de noordoostelijke hoek van het geheel komt.

Coördinerende rol

Afbeelding: Diergaarde Blijdorp. Vlekkenplan van de impactgebieden van het Masterplan 2050, zoals vertoond op de nieuwjaarslezing. Donkerblauw: Duurzame Noordzee. Lichtblauw: Caribbean Shores. Groen: African Jungle. Geel: African Plains. Grijs: Natuur Dichtbij. Bordeaux: Last Resort. Paars: Himalayan Peaks. Rood: Asian Corridors.

Een korte update over impactgebied ‘Himalayan Peaks’ uit het Masterplan 2050. Blijdorp speelt al jarenlang een centrale rol bij de fok van rode panda’s in gevangenschap en zet de laatste jaren steeds meer in op het onderzoeken en beschermen van hun wilde soortgenootjes. Onderdeel daarvan is een herbebossingsproject in Oost-Nepal. Om dat initiatief kracht bij te zetten, gaat in 2024 een langgekoesterde wens in vervulling: rechts van de Bergdierenrots, achter het monumentale educatiegebouw, komt een kleine bomenkwekerij. Hier worden bezoekers uitgenodigd om een boompje in Nepal te adopteren. Met deze toevoeging is Himalayan Peaks voorlopig compleet.

En dat is niet het enige botanische nieuwtje. Een belangrijke ontwikkeling voor een van de tien impactsoorten van Diergaarde Blijdorp, de Rwandese warmwaterlelie. Dit kleine waterplantje is uitgestorven in het wild door habitatvernietiging en irrigatie, maar leeft voort in gevangenschap. Teneinde van een uiteindelijke herintroductie wil de Rotterdamse dierentuin bijdragen aan het grootschalig vermeerderen van de plant. Dit jaar wordt achter de schermen een kleine kas speciaal hiervoor ingericht. Blijdorp beheert de Nationale Plantencollectie van de waterleliefamilie.

Het is officieel geen impactsoort van Blijdorp, maar het is wel een icoon van het dierenrijk: de Aziatische leeuw. Directeur Zevenbergen deelt het heugelijke nieuws dat verzorger Jos Hartog sinds kort optreedt als de coördinator van het Europese populatiemanagement programma (EEP). Dit heeft verder geen directe consequenties, maar betekent wel dat het stamboek voortaan kan profiteren van de expertise die Rotterdam heeft met de erfelijke neurologische aandoening ataxie. Diergaarde Blijdorp overziet in totaal nu zeven Europese fokprogramma’s, waarmee het de Nederlandse recordhouder is.

Rijksmonumenten

Het ‘oppoetsen van de parel’ is ook een belangrijk component van het Masterplan 2050. Diergaarde Blijdorp gaat in 2024 werk maken van de broodnodige restauratie de monumentale rendierenstal in de zuidelijke hoek van het park. In de spoorwegdriehoek wordt momenteel de laatste hand gelegd aan een logeeradres voor de bosrendieren en moeraswallaby’s. Zevenbergen laat weten dat het park meteen de looproute van de ‘Wallaby-Walkabout’ gaat veranderen. Ook ziet de dierentuin de kans om de dakpannen van álle monumentale stalgebouwen te vervangen door sierlijke shingles, geproduceerd op authentieke wijze.

Afbeelding: Diergaarde Blijdorp. Sfeerimpressie van de gerestaureerde Victoria Serre.

Eind 2024 begint ook een andere restauratie: die van de Victoria Serre. De oostelijke vleugel van de Rivièrahal doet al sinds 1940 dienst en smacht naar grootschalig onderhoud. Zevenbergen benadrukt dat het botanische aspect leidend wordt in de vernieuwde tropenvleugel. Verwacht dus een heleboel spectaculaire en zeldzame plantensoorten. De vogelcollectie wordt iets soberder. Welke soorten precies moeten wijken, staat nog niet vast. Dit project wordt gefinancierd met de 18 miljoen euro subsidie die de gemeente Rotterdam heeft vrijgemaakt voor de restauratie van de Rivièrahal.

Zuid-Amerika

Ook het lot van de Oceanium-zijde van de Diergaarde werd kort aangestipt. Hier worden momenteel dieren uit Noord-Amerika en Zuid-Amerika gehouden, maar Blijdorp wil hier de komende jaren minder nadruk op gaan leggen. De directie acht het niet reëel dat de Diergaarde zich kan ontplooien tot een hoofdrolspeler qua natuurbehoud in deze regio.

Foto: Jolanda Berkelmans (BB-Facebook). Momenteel zitten ze ’tijdelijk’ achter de schermen, maar mogelijk keren de rode ibissen niet terug naar de publieke kant van het park.

Maar ja, toen die knoop werd doorgehakt zat de dierentuin net middenin een renovatie van de ara- en ibisvolières… Het hing al een tijdje in de lucht, maar voor het eerst zegt de Diergaarde nu expliciet dat de Zuid-Amerikaanse vogels mogelijk niet terugkeren naar het vernieuwde complex. Waarschijnlijk wordt er een Centraal- of West-Afrikaanse draai aan gegeven. Hier is in de ontwerpfase al rekening mee gehouden.

Ook een korte update vanuit de gesloten vlinderkoepel Amazonica. Het uitplaatsen van de huidige inwoners is in volle gang. Directeur Zevenbergen geeft aan dat de dierentuin het gebouw het liefst behoudt. Inspecties zijn dan ook nog volop gaande. Potentieel kan de koepel dan het startpunt worden voor het impactgebied African Jungle.

Vrienden van Blijdorp

Foto: ReddingsTeam Zeedieren (rijnmond.nl). Geredde zeeschildpad.

De nieuwjaarslezing maakt onderdeel uit van de traditionele reeks winterlezingen van de Vrienden van Blijdorp. Voorzitter Marcel Kreuger geeft toe dat de vereniging nog op zoek is naar welke rol deze trouwe supportersgroep kan spelen bij de nieuwe ambities van Diergaarde Blijdorp. Concreet laat hij weten dat de Vrienden de herintroductie van een groepje zeeschildpadden rondom Florida gaan bekostigen. In december spoelden in korte tijd meerdere van deze tropische dieren ernstig verzwakt aan in Nederland. Vermoedelijk speelt klimaatverandering hierbij een rol. Momenteel zijn zij achter de schermen aan het revalideren. Er gaat te zijner tijd ook een kleine filmploeg mee om de reddingsactie te documenteren.

Een andere terugkerende gift van de Vrienden van Blijdorp wordt de zogeheten ‘Irmabijdrage’. De afgelopen jaren bekostigden de Vrienden systematisch de zorg voor seniore olifant Irma, die in 2023 op 53-jarige leeftijd overleed. Ter nagedachtenis aan deze iconische inwoner wil de vereniging dat geld voortaan steken in kleine dierenwelzijnsinitiatieven in de Diergaarde. Welke vorm dat in 2024 gaat aannemen, staat nog niet vast.

Wil jij onderdeel uitmaken van de touwtrekkers van ontwikkeling in Diergaarde Blijdorp, en als eerste op de hoogte zijn van nieuwe ontwikkelingen in de dierentuin? Check dan de vereniging Vrienden van Blijdorp!

Afbeelding: Diergaarde Blijdorp. Alternatieve versie van het vlekkenplan, verkregen als persmateriaal naar aanleiding van de nieuwjaarslezing. Het voornaamste verschil met de afbeelding op de nieuwjaarslezing is dat op deze plattegrond een tweede stukje ‘African Jungle’ ingetekend staat op de huidige locatie van het Hart van Afrika, de westvleugel van de Rivièrahal & de Oewanja Lodge. Bij de nieuwjaarslezing werden deze locaties opgenomen in ‘African Plains’. De soortenselectie op deze kaart vertegenwoordigt niet de collectie zoals deze er na de implementatie van het masterplan zal uitzien.

Blijdorp faseert gorilla’s uit: de wetenschap achter een lastige keuze

Foto: Jolanda Berkelmans (BB-Facebook). Gorilla Bokito (M, 1996-2023)

Op woensdag 8 november kondigde Diergaarde Blijdorp aan dat het park op termijn afscheid gaat nemen van de westelijke laaglandgorilla’s. “Deze beslissing komt voort uit Blijdorps aangescherpte missie en visie op het gebied van soortbehoud en natuurherstel. Om deze doelstellingen waar te maken moeten er soms lastige keuzes worden gemaakt, waar dit er een van is.” Online leidde dit meteen tot een stormloop aan verdrietige en negatieve reacties. ‘Gorilla’s horen bij Rotterdam’, klonk het veelal. Blijdorper Bende onderzocht het proces dat geleid heeft tot dit besluit.

Kritiek bedreigd

Een vliegensvlugge profielschets. Er bestaan vier verschillende gorillavarianten, met ieder een eigen verspreidingsgebied binnen het Congowoud van Centraal-Afrika. Deze staan alle vier onder druk, maar wel op verschillende manieren. Zo resteren van de berggorilla, uit het Virunggagebergte, slechts 1.000 individuen, maar leven deze in strikt beschermde reservaten. Op papier gaat het met de grauergorilla beter, met een totale populatie van 3.600, maar dat cijfer verhult de sterke mate van habitatversnippering en een relatief gebrek aan bescherming. De meest schrijnende casus is misschien wel de Cross Rivergorilla, uit het Nigeriaans-Kameroense grensgebied. Daarvan resteren slechts enkele honderden dieren.

Ondersoort numero vier is de westelijke laaglandgorilla. Met uitzondering van één oud vrouwtje in Zoo Antwerpen behoren alle gorilla’s in Europese dierentuinen tot deze variant. In het wild leven naar schatting zo’n 316.000 exemplaren, waarmee het verreweg de meest talrijke ondersoort is. Ook heeft de westelijke laaglandgorilla het grootste verspreidingsgebied van allemaal, dat ook nog eens gesitueerd is in een relatief intact deel van het Congowoud. Wel staat óók de westelijke laaglandgorilla als ‘kritiek bedreigd’ op de Rode Lijst, omdat de populatie vrij constant blijft krimpen en deze dieren zich langzaam voortplanten.

Natuurbehoud

Dat is, in een notendop, de stand van zaken met de westelijke laaglandgorilla: niet dramatisch, maar extra bescherming is wel wenselijk. Welke rol kunnen dierentuinen hierbij spelen? Behalve geld inzamelen en publiek bewustzijn stimuleren, is het herintroduceren van dieren in hun natuurlijke leefgebied de meest concrete manier waarop dierentuinen aan soortbehoud kunnen doen.

Foto: Patrick Kruizinga (BB-Facebook). Aybo (2014-) en Thabo (2015-).

Herintroducties kunnen verschillende doelstellingen hebben. In hele drastische situaties draait het puur om nummers spekken: een populatie van vijftig individuen maakt op termijn meer kans dan een populatie van tien individuen. Momenteel leven er ongeveer 450 westelijke laaglandgorilla’s in Europese dierentuinen, vergeleken met 316.000 individuen in het wild. Als álle gorilla’s uit gevangenschap morgen uitgezet zouden worden verspreid door het Congowoud, zou de impact hiervan dan ook verwaarloosbaar klein zijn.

Meestal vinden herintroducties dan ook met een specifieker doel plaats. Denk aan het herstellen van de gorillapopulatie op plekken die voorheen kampten met stroperij, of het verbinden van voorheen geïsoleerde groepjes. Ook kunnen herintroducties (uit gevangenschap) en translocaties (uit andere natuurgebieden) helpen met het waarborgen van genetische diversiteit.

Casus Batéké

Gorilla’s zijn vanwege hun complexe gedrag en sociale behoeftes bijzonder lastig om te herintroduceren in het wild. Zelfs verhuizingen tussen dierentuinen kunnen al zoveel stress teweeg brengen dat individuen permanent afwijkend gedrag ontwikkelen.

Toch speelt in het Batéké-plateau van Gabon en Congo-Brazzaville al sinds 1996 een herintroductieproject voor de westelijke laaglandgorilla. De drijfveer achter in het Batéké-project is de Aspinall Foundation, een organisatie die nauw verbonden is met de Britse dierentuinen Port Lympne en Howletts. De mensapen waren enkele decennia eerder verdwenen uit het gebied door stroperij, maar sindsdien was er een beschermd gebied opgericht en waren de omstandigheden weer beter geworden.

Foto: Amos Courage (Aspinall Foundation). Transport van Europese gorilla’s naar Gabon in 2003.

Bij herintroducties worden dieren nooit zomaar in het diepe gegooid. In plaats daarvan mogen de gorilla’s geleidelijk kennismaken met hun nieuwe omgeving en ontvangen ze nog enige tijd extra verzorging. Hoe dit er precies uitziet, wordt bepaald op basis van de groepssamenstelling. Een veelvoorkomende methode is het maken van boswandelingen samen met verzorgers, waarna de dieren vaak na enige tijd zelf besluiten dat ze ’s avonds niet meer teruggaan met de mensen. Deze ‘soft release‘ procedure neemt gemiddeld zo’n 15 maanden in beslag. Ook is er aan de Gabonese kant van de grens een riviereiland waar gorilla’s in een gemonitorde omgeving kunnen wennen aan het woud.

Bij het Batéké-project wordt veelal gebruik gemaakt van jonge gorilla’s die in het wild geboren zijn, maar via de stroperij op de illegale huisdierenmarkt beland zijn. Ook is een handjevol gorilla’s uit Europese dierentuinen uitgezet (voor het eerst in 1999, meest recent in 2021). Bij de 51 gorilla’s die tussen 1996 en 2006 uitgezet werden, stierf slechts één individu binnen zijn eerste jaar in het wild. Vermoedelijk was hij ’s nachts uit een boom gevallen en verdronken. Jaarlijkse sterfte- en geboortecijfers van de geherintroduceerde populatie komen overeen met die van natuurlijke gorillagemeenschappen, laten de schrijvers van hetzelfde rapport weten.

Foto: Aspinall Foundation. Gorilla Djongo in 2019, zes jaar nadat hij samen met zijn vader Djala uitgezet werd.

Sindsdien zijn nog eens twintig gorilla’s uitgezet. De meest ambitieuze herintroductie vond in 2014 plaats. Toen verhuisde voor het eerst een volledige familiegroep van Europa naar Gabon. Aan het hoofd van de familie stond zilverrug Djala, die in 1984 zelf het slachtoffer was geworden van stropers en sindsdien in Port Lympne Wild Animal Park vertoefde. Onderdeel van de groep waren ook vijf vrouwtjes (allemaal in Europa geboren, waarvan eentje door mensen grootgebracht was) en hun vijf jongen. Hoewel Djala vermoedelijk nog steeds in leven is, werd een groot deel van de groep al snel het slachtoffer van een aanval door een andere gorilla.

Keerzijde

Foto: Johanna Kok (BB-Facebook)

Het Batéké-project wordt door de meeste wetenschappers en natuurbeschermers als succesvol gezien. Toch resteren er ook nog uitdagingen. Zo zijn de geherintroduceerde gorilla’s meestal niet bang voor mensen, wat nog wel eens resulteert in jongvolwassen mannetjes die lokale dorpen betreden of agressie vertonen naar bezoekers van het reservaat. Oudere dieren lopen meer risico’s bij herintroductie dan jongvolwassenen. Ook stelt de IUCN (de organisatie die de Rode Lijst bijhoudt) dat het herintroduceren van dierentuingorilla’s minder wenselijk is dan het uitzetten van gorilla’s uit lokale opvangcentra en het overplaatsen van wilde gorilla’s uit onveilige leefgebieden.

Het Europese populatiemanagement programma (EEP) voor de westelijke laaglandgorilla kán dus concreet bijdragen aan natuurherstel. De Europese dierentuinpopulatie is stabiel en genetisch gezond, dus dit kan de komende decennia ook voortgezet worden. Tegelijkertijd gaat het daarbij tot op heden om vrij specifieke voorbeelden en slechts een handjevol geherintroduceerde individuen. Om te stellen dat de westelijke laaglandgorilla in zijn voortbestaan echt afhankelijk is van dierentuinen, is overdreven. Zelfs de EAZA (Europese vereniging van dierentuinen) stelt openlijk dat educatie, niet soortbehoud, het primaire doel van het huisvesten van gorilla’s in gevangenschap is.

Foto: Jim Louwerens (BB-Facebook). Het Mensapengebouw maakt onderdeel uit van de monumentale Rivièrahal.

Als één ding overduidelijk naar voren komt uit het Masterplan 2050, is het dat educatie alleen niet langer voldoende rechtvaardiging is voor toekomstige investeringen. Nieuwe ontwikkelingen in Blijdorp moeten concreet gekoppeld zijn aan natuurherstel. En er zijn zeker investeringen gemoeid met de gorilla’s. Hun binnenverblijf stamt uit 1940: het is te klein, te monotoon en biedt te weinig privacy. Een verbouwing kan niet lang meer op zich laten wachten – al is het maar omdat de verf van de muren afbladert en de meeste balken in het Rivièrahal-complex volledig afgeschreven zijn. Gedurende zo’n verbouwing zou een alternatief heenkomen voor de gorilla’s gezocht moet worden. Omdat de Rivièrahal een rijksmonument is, is een hoger niveau van dierenwelzijn hier eigenlijk niet haalbaar. Dat is ook de reden dat Blijdorp de afgelopen jaren speelde met sfeerimpressies van een compleet nieuw gorillaverblijf. Een miljoenenproject. En wanneer je het hebt over je eco-impact maximaliseren, kunnen die miljoenen wellicht beter gebruikt worden voor andere zaken. In essentie is dit de knoop waarmee de Diergaarde in hun maag zat. Een knoop die afgelopen woensdag definitief werd doorgehakt.

Timing

Foto: Johanna Kok (BB-Facebook). Bokito’s kinderen Ajabu (M, 2022-) en Ayba (V, 2010-).

Dat brengt ons tot afgelopen woensdag: waarom trekt Blijdorp er nú de stekker uit? Waarom wacht het park niet tot de restauratie van de Rivièrahal daadwerkelijk nadert?

Dat lijkt voort te komen uit de toch al chaotische situatie in de gorillagroep. Met de onverwachtse dood van zilverrug Bokito dit voorjaar is de fok in Rotterdam stilgevallen. Wat resteert zijn de twee volwassen vrouwtjes Aya en Tamani en diens kinderen. Met uitzondering van de in 2022 geboren Ajabu zijn die kinderen allemaal al wat ouder. Zo schreef Blijdorper Bende al in 2018 (ietwat voorbarig) dat Ayba op het punt stond om uit te vliegen.

De realiteit is dat het EEP van de gorilla’s een erg complexe schuifpuzzel is. Het samenstellen van nieuwe groepen brengt altijd risico’s met zich mee, dus verhuizingen worden eerst nauwkeurig uitgedacht. De genen van Aya zijn al rijkelijk vertegenwoordigd in Europa, dus het vinden van een onverwante partners voor haar nageslacht is een hele uitdaging. Mannetjes zijn ook altijd lastig te plaatsen, want eenmaal volgroeid dulden zij elkaars aanwezigheid niet. Er is een tekort aan dierentuinen die de benodigde faciliteiten hebben voor zulke bachelorgroepen. Kortom: als de fokcoördinator een potentieel heenkomen vindt voor de Rotterdamse pubers, moet er snel geschakeld worden.

Foto: Nel Hoekstra (BB-Facebook). Tamani (V, 1993) en Thabo (M, 2015-).

Blijdorper Bende vermoedt dat dat de doorslaggevende factor was achter het besluit om nú de gorillagroep op de schop te doen. In plaats van tijdelijk een nieuw evenwicht proberen te creëren in de Rivièrahal, nu de pleister van de wond trekken en de gorilla’s een stabiele toekomst elders gunnen. Recent kwam voor Aybo een plekje vrij in Zoo Arcachon Basin en afgelopen woensdag is hij vertrokken. Tamani kan waarschijnlijk samen met haar jongen Tonka en Thabo verhuizen naar een Italiaanse dierentuin. Voor Aya, Ayba en Ajabu wordt nog gezocht naar een geschikt heenkomen. Blijdorp vermeldt erbij dat het nog wel enkele jaren kan duren voordat deze uittocht voltooid is.

Op hun website schrijft Blijdorp: “Als alle gorilla’s verhuisd zijn en er nog niet wordt verbouwd, kan het verblijf mogelijk als tijdelijke opvanglocatie worden gebruikt. Het besluit over de gorillagroep is afgestemd met de coördinator van het populatiemanagement programma.” Hiermee doelt het park mogelijk op het huisvesten van een jongvolwassen mannetjes. Zoals eerder al aangestipt werd, is er veel behoefte hiernaar binnen het populatiemanagement programma. Momenteel zijn er voor iedere vijf vrouwtjes ongeveer vier mannetjes in Europa. Die disbalans heeft te maken met de oude ‘importgeneratie‘, die voornamelijk uit vrouwelijke gorilla’s bestond. De komende jaren zal die ratio steeds verder naar één op één verschuiven.

Blijdorper Bende is een onafhankelijke organisatie. Meningen en uitspraken op deze website vertegenwoordigen niet noodzakelijk de standpunten van Diergaarde Blijdorp.

Foto: Johanna Kok (BB-Facebook)

Rust zacht, lieve Irma: olifanten-oma (53) overlijdt in Diergaarde Blijdorp

Foto: Johanna Kok (BB-Facebook)

De vlag hangt halfstok in Rotterdam. Rondom Taman Indah, een uithoekje van Diergaarde Blijdorp waar het normaal bruist van het leven, hangt een sombere sfeer. Een van de oudste en geliefdste inwoners van de dierentuin heeft in de late uurtjes van 24 september vredig haar laatste adem uitgeblazen. Aziatische olifant Irma is niet meer. Blijdorper Bende blikt terug op de 53 jaar waarin zij onze tuin bekroonde.

Blauw bloed

Foto: Erik Siemonis (BB-Facebook). Irma (voor) met haar moeder.

Irma’s ouders, mannetje Chieng Mai en vrouwtje Buag Hah, werden in 1962 op zeer jonge leeftijd door het Thaise koningshuis geschonken aan de Deense monarchie. In 1970 kwam hun eerste kind ter wereld, een dochter. Zoals zo’n koningsbaby vanzelfsprekend toebehoort, werd ze Irma gedoopt: vernoemd naar een supermarktketen in Kopenhagen…

Het waren andere tijden wat betreft dierenwelzijn. In 1975 werd Irma van haar moeder gescheiden om te verhuizen naar Diergaarde Blijdorp. Bij aankomst in Rotterdam kreeg ze een plekje in de Dikhuidenvleugel van de Rivièrahal. Hier sloot ze zich aan bij een onnatuurlijk lappendeken: Sonny, Aida en Menika, drie wildgevangen koeien zonder enige verwantschap. Erg liefdevol werd Irma niet ontvangen, al ontstond tussen Sonny en Irma al snel wederzijds respect en vertrouwen. ’s Nachts werden ze op een rij gezet in de stal, één poot urenlang vastgeketend aan een pilaar. Het moet een ongelofelijk zware periode geweest zijn.

Zo gebrekkig als de huisvesting was, zo ambitieus was Blijdorp. De Diergaarde was toentertijd uniek in het opzicht dat ze zich ook waagden aan een mannelijke olifant. Veel andere dierentuinen vonden het veel te riskant om zo’n vijf ton zware, wispelturige spierbundel te huisvesten. Ramon, zo heette de kolos uit Hannover.

De Rotterdamse verzorgers droomden van iets waar nog geen enkele Nederlandse ZOO in geslaagd was, maar de Denen en Duitsers al wel: jonge dikhuidjes. Zo zou Blijdorp onafhankelijk worden van de schimmige Zuidoost-Aziatische import.

Het had heel wat voeten in de aarde om Irma en Ramon vredig bij elkaar te plaatsen. Eigenlijk was Irma zelfs op haar oude dag nog erg onrustig in het bijzijn van bullen. Wat niet hielp is dat Ramon bij vlagen worstelde met zijn gezondheid. Toch accepteerde Irma Ramon uiteindelijk en vanaf dat moment waren de verzorgers innig aan het duimen.

Twee stappen vooruit, één achteruit

Foto: Nationaal Archief. Irma met haar dochter Bernhardine.

Op 16 juni 1984 gebeurde het. Onrustig geschuifel, een zachte plof en vervolgens een heleboel consternatie. Nog voordat Irma met haar slurf naar achteren kon reiken, zat een heel team verzorgers eromheen. Blijdorp had haar langverwachte prinses gekregen, met een matchende naam: Bernhardine, naar de vader van Beatrix.

Dagenlang hield de stormloop van Rotterdammers aan, maar echt lang heeft het prille geluk niet mogen duren. ‘Dina’ ontwikkelde al snel een reputatie als onhandelbaar en verdween in ’85-’86 daarom tijdelijk naar Krefeld, waar men haar gedrag hardhandig probeerde te corrigeren. Achteraf gezien was dat een verschrikkelijke keuze: het duurde jaren voordat Bernhardine weer gezonde relaties kon opbouwen met anderen, met zowel olifanten als verzorgers. Op gedragscorrecties van andere olifanten reageerde ze nog slechter dan voorheen. Ook haar relatie met Irma was nooit echt hetzelfde hierna.

Terug naar Irma: in ’88 nam ze ene Douanita onder haar hoede. Zij was een wildgevangen olifantje uit Vietnam met Tsjechoslowakije als eindbestemming, ernstig vermagerd na maanden op zee en bovendien zonder het benodigde papierwerk. In 1990 volgde de geboorte van Yasmin. In tegenstelling tot Irma’s eerste bevalling waren er ditmaal geen verzorgers aanwezig in de kraamstal op het moment suprême.

Zachtaardige matriarch

Taman Indah werd in 1994 in gebruik genomen en luidde een nieuw tijdperk op het gebied van dierenwelzijn in. Niet alleen hadden de dieren hier veel meer bewegingsruimte en was het verblijf natuurlijker ingericht, maar ook aan het nodeloos separeren van de dieren ’s nachts kwam een einde. Dat gold ook voor Irma’s derde bevalling in 1995: de kleine Indira werd direct omringd door ‘hulptantes’ Sonny en Bernhardine. Dierentuinen over de hele wereld deden inspiratie op in de Maasstad.

Dat wil niet zeggen dat het alleen maar rozengeur en maneschijn voor Irma. In ’96 vertrok Bernhardine (alweer), in ’97 overleed Sonny en in ’98 stierf Indira. Veel toeverlaten van Irma vielen dus binnen korte tijd weg, wat samenviel met de komst van allerlei onverwante vrouwtjes uit andere parken. Er brak een leiderschapsstrijd uit, die er behoorlijk fel aan toeging. Pas in 1999 vertrokken de ‘dissidenten’ naar Engeland en was Irma’s positie als matriarch veiliggesteld.

Irma’s leiderschap was nooit erg strikt. Op momenten dat het nodig was, stond ze haar mannetje – zo blikken de verzorgers nog altijd terug op hoe resoluut Irma de kudde naar het buitenverblijf leidde na het afscheid van Sonny’s lichaam. Echter, net als Sonny, krabbelde ze soms terug als er ruzie uitbrak. Écht dominant kon je haar niet noemen.

Vlak voor de eeuwwisseling keerde Bernhardine weer terug naar Rotterdam, op de hielen gevolgd door Irma’s bevalling van Bangka in 2000. In de jaren die volgden, begonnen ook Bernhardine, Yasmin en Douanita zich te ontplooien tot moeders. In 2004 beviel Irma voor de vijfde keer en wel van haar enige zoon, Sibu. Op het eerste gezicht klinkt dit perfect: een big happy family.

Toch lag Bernhardine nog altijd lastig in de groep en die family begon met al dat geboortenieuws wel érg big te worden. Daarom werd in 2006 de knoop doorgehakt: Bernhardine werd definitief gescheiden van Irma en vertrok naar het Ierse Dublin. Zusje Yasmin, met wie ze een hechte band had, ging haar daar vergezellen. Dat had Irma haar welverdiende rust moeten geven. In tegendeel: toen ging het pas écht goed mis.

Horrorbevalling

Foto: Diergaarde Blijdorp. Irma’s operatie vond plaats terwijl ze bij bewustzijn was.

In december 2007 luidden weeën het einde van Irma’s zesde zwangerschap in. Maar in plaats van het gebruikelijke patroon van toenemende frequentie en intensiteit, doofden de weeën na verloop van tijd uit… Begin januari 2008 oordeelde de dierenarts dat het jong in de baarmoeder gestorven was en grof gezegd werkte Irma’s lichaam niet mee.

Meer dan een jaar lang heeft Irma zo rondgelopen, ogenschijnlijk zonder er echt last van te hebben. De dierenarts hield haar gezondheid nauwlettend in de gaten en op de echo’s was zichtbaar dat het dode kalf in een soort mummie aan het veranderen was. Het was een uiterst precair evenwicht.

Foto: Carla Dekkers (BB-Facebook)

Dat evenwicht werd uiteindelijk medio 2009 verstoord door de bevalling van Douanita. Irma was vrij letterlijk aan het meepuffen en een piek in hormonen zorgde voor een nieuwe golf weeën. Het kalf moest er nú uit, maar zelfstandig lukte het Irma niet. Haar opvoeding was wellicht traumatisch en onethisch, maar al dat hands-on contact had ervoor gezorgd dat Irma op haar gemak was rond mensen. Dat heeft haar leven uiteindelijk gered.

Foto: Carla Dekkers (BB-Facebook). Irma, de ochtend na haar operatie.

Een hele ploeg dierenartsen, verzorgers en zelfs directeur Damen hebben uiteindelijk meer dan 24 uur lang geploeterd om het jong in delen te verwijderen uit Irma’s baarmoeder. Ze moest bij bewustzijn blijven, dus enkele verzorgers stelden haar tijdens de hele ingreep gerust door haar slurf vast te houden en haar lekkernijen toe te stoppen. De spanning was om te snijden. Het mag een wonder heten dat Irma relatief snel weer de oude was. Haar dagen als moeder lagen echter definitief in het verleden.

Met pensioen

Nog twee keer zou het leiderschap van Irma beproefd worden. Na het vertrek van Bernhardine merkte Douanita op dat haar pleegmoeder niet langer vergezeld werd door een dominante, hardhandige dochter. In 2012 begon die ruzie uit de hand gelopen, het schaadde duidelijk het welzijn van Irma. Er zat niets anders op: Douanita vertrok, samen met haar nog jonge dochter Tonya.

De oudste dochter van Douanita, Trong Nhi, bleef hoogzwanger achter in de Maasstad. Achteraf gezien was dat wellicht ook niet de beste keuze, want de appel viel niet ver van de boom. In 2019 dreigde de groep zichzelf wederom aan flarden te scheuren. Daarna is een nieuw heenkomen gevonden voor Trong Nhi en haar dochter Nhi Linh in Washington DC. Dat concludeerde het lange transitieproces: van ratjetoe in de Dikhuidenvleugel naar natuurgetrouwe familiegroep in Taman Indah.

Irma heeft een bewogen leven geleid. De littekens van haar vroege jaren zijn nooit helemaal weggetrokken: menig middag stond ze haar hoofd heen en weer te slingeren, weaven heet dat. Het is de enige beweging die ze kon maken toen ze ’s nachts opgesloten werd vroeger. Tegelijkertijd was het slotstuk van haar leven erg vredig: geen stress over bullen of concurrenten meer, slechts ruim de tijd om te zorgen voor haar kleinkinderen. Met Radjik, Bangka’s zoontje uit 2021, kon ze het altijd erg goed vinden. In 2022 werd Bangka’s dochter Faya voor het eerst moeder en bewees Irma dat ze ook de perfecte overgrootmoeder is. Als één woord Irma omschrijft, is het wel ‘zachtaardig’: ondanks alle beproevingen is ze tot op haar sterfdag een zorgzaam en liefdevol individu gebleven. Bewonderenswaardig.

Buiten zicht

Aan Irma’s bloedlijn is nog lang geen einde gekomen. In Dublin Zoo komt de ‘rebelse’ Bernhardine goed tot haar recht als opperolifant. Samen met Yasmin staat ze aan het hoofd van een indrukwekkende dynastie, met in totaal negen kinderen en drie kleinkinderen. De jongvolwassen mannetjes zijn inmiddels tot in Amerika en Australië uitgevlogen. Irma’s zoon Sibu is in recente jaren twee keer vader geworden. Een zus van Irma, Schottzie, is ook nog in leven. Zij woont in de VS.

En hoe zit het met pleegdochter Douanita? In 2017 is ‘Donna’ doorverhuisd van Tsjechië naar Oostenrijk. In totaal heeft ze nu zes kinderen voortgebracht, al kwam haar eerste kalf dood ter wereld en is ze Tonya (2009-2013) verloren aan een bacteriële infectie. Haar oudste dochter, Trong Nhi, woont nu in Amerkika met diens dochter Nhi Linh. Douanita had nog een ander kleinkind, maar die is helaas niet zo oud geworden.

Irma had trouwens ook nog tien halfbroertjes en -zusjes van haar vaderskant. Deze lijnen zijn allemaal doodlopend, met uitzondering van de nazaten van halfbroer Chang (1981-2020). Hij heeft maar liefst negentien(!) kinderen op naam, waaronder leidkoe Sithami Hi Way (Chester Zoo) en fokbul Po Chin (Pairi Daiza). Deze kant van de stamboom is inmiddels wijd en zijd uitgewaaierd.

Verder

Met het overlijden van Irma komt niet alleen maar een einde aan een tijdperk in Blijdorp. Voor haar nabestaanden is het een groot verlies. Haar kleinkinderen hebben rustig afscheid mogen nemen van haar lichaam. Bangka werd de afgelopen jaren al steeds belangrijker in de kudde en zij neemt het stokje nu definitief over. Ze is gemakkelijk te herkennen aan haar ‘oorflapjes’ die naar achteren hangen. Qua karakter doet de vredelievende Bangka wel een beetje denken aan Irma. Ze wordt bijgestaan door haar jongvolwassen dochter Faya en ontfermt zich nog altijd over haar zoontje Radjik en Faya’s spruit Maxi.

Foto: Ria van der Graaf (BB-Facebook). Aziatische olifant Irma (1970-2023)

Blijdorp sluit na 10 jaar vlinderkoepel Amazonica: “ongelukkige ontwerpkeuzes”

Foto: Jop Kempkes (BB-Beheer)

Vlinderkoepel Amazonica in Diergaarde Blijdorp wordt op 1 september gesloten voor bezoekers. Parkdirecteur Zevenbergen geeft in het Vriendennieuws aan dat er ernstige zorgen zijn over de structurele integriteit van de houten dakconstructie. De komende maanden zal uit een grondige inspectie van het pand moeten blijken of een renovatie nog mogelijk is. De dierentuin vreest echter dat er niets anders op zit dan de iconische kas tegen de vlakte gooien en is al bezig met het uitplaatsen van de inwoners.

Amazonica werd in 2013 geopend ter gelegenheid van het vijftigjarige jubileum van de Vrienden van Blijdorp. Het geschenk heeft de vereniging ruim één miljoen euro gekost en was de bekroning van het verder relatief bescheiden Zuid-Amerikaanse themagebied. Ten tijde van de opening gooide Amazonica hoge ogen als de grootste tropenkoepel in de Benelux met een state-of-the-art klimaatsysteem. Het samenspel van de weelderige planten, het brede scala aan vlindersoorten en de Latijns-Amerikaanse sferen maakte van Amazonica al snel een Rotterdamse publieksfavoriet.

Fragiel

Foto: @AgainErick (Wikimedia Commons). Amazonica in aanbouw (2013).

Achter de schermen groeide Amazonica echter al snel uit tot een zorgenkindje. Natuurlijk waren er ‘kinderziektes’, zoals onbetrouwbare filters en stikhete temperaturen tijdens de zomer, maar het dak veranderde al snel in een structureel pijnpunt. Het dak, speciaal ontworpen om de broeierige kas te scheiden van de kille buitenlucht, bleek veel minder stevig dan gehoopt. Al na anderhalf jaar scheurden drie van de luchtkussens tijdens een winterstorm. Van een echte doorbraak was geen sprake, omdat het slechts één van de folielagen betrof. Wel schoot het energieverbruik van de koepel rap omhoog en zorgde het klapperende folie voor behoorlijk wat geluidsoverlast.

Voor de herstelwerkzaamheden verscheen begin 2015 een extra dienstpad langs de noordgevel van de koepel, afgesnoept van de weide van de vicuña’s. De lekkages bleven echter maar opduiken. Aanvankelijk werd met de vinger gewezen naar nieuwsgierige meeuwen en kraaien, maar ook een extra net bovenop de koepel bood geen soelaas. Eens in de zoveel tijd vond er onderhoud plaats, maar soms leek het wel alsof de volgende dag alweer een ander zeil gescheurd was.

Foto: Jop Kempkes (BB-Beheer). Dakschade na storm Corrie (2022).

Het uitzonderlijke stormseizoen van 2022 spande de kroon. Tijdens storm Corrie vond voor het eerst een échte dakdoorbraak plaats, waarbij beide lagen van een luchtkussen aan flarden gescheurd werden. Om te voorkomen dat er vlinders zouden ontsnappen, werd de wond in allerijl afgeplakt met een blauw zeil. Dat ergere schade achterwege bleef tijdens Dudley, Eunice en Franklin mag een klein wonder heten, gaf Blijdorp later zelf toe.

Het incident maakte duidelijk dat pappen en nathouden niet langer volstond. Helaas blijkt het vrijwel onmogelijk om het fragiele plastic te vervangen door een steviger materiaal, want daar is het houten geraamte van de koepel niet op berekend. Ook zijn er zorgen over wat acht jaar aan continue vochtopbouw heeft gedaan met het hout. In het Vriendennieuws verklaart directeur Zevenbergen: “Destijds is gekozen voor een vrij nieuwe en innovatieve dakconstructie. Daar zat dus een bepaald risico aan vast en helaas moeten we nu constateren dat het toen geen gelukkige keuze is geweest.” Het doel van de sluiting is om nog één uitgebreide inspectie uit te voeren, opdat de relatief recente miljoeneninvestering hopelijk toch nog gered kan worden.

Hoe nu verder?

Foto: Sabine Buchholz (BB-Facebook). Kleine passiebloemvlinder.

Diergaarde Blijdorp heeft zich de afgelopen maanden stilletjes voorbereid op een heuse marathon aan transporten. Dat is onvermijdelijk, want intern is niet genoeg capaciteit om álle inwoners van Amazonica tijdens een verbouwing op te vangen. De situatie biedt Blijdorp echter ook de kans om kritisch te reflecteren op de huidige samenstelling van de koepel. Amazonica neemt maar liefst een kwart hectare in beslag, maar draagt momenteel niet concreet bij aan natuurbehoud. Neem de vlinders, waarvoor Blijdorp grotendeels afhankelijk is van de periodieke ímport van cocons uit Costa Rica. Met de naderende werkzaamheden in gedachten werd die aanvoer een tijdje terug al stilgelegd. Naar verwachting zullen de vlinders dan ook volledig uit de collectie verdwijnen.

Hoewel alle inwoners van het Amazonegebied worstelen met het verlies van leefgebied, verkeren veel inwoners van Amazonica simpelweg niet in accuut gevaar. De Peruaanse wandelende takken en witgevlekte zoetwaterroggen staan weliswaar op de Rode Lijst, maar fokken gemakkelijk in gevangenschap, dus hun ‘backup-populatie’ is gezond. Eigenlijk zijn alleen de arrau- en prachtaardschildpadden écht van conservatiebelang, maar juist bij deze dieren blijft voortplantingssucces al een decennium uit in Rotterdam, met weinig zicht op vooruitgang. Mogelijk dat ze in een ander verblijf beter tot hun recht komen.

Foto: Greet van den Bergh (BB-Facebook). Arrauschildpad.

Met de sluiting van Amazonica heerst opeens onzekerheid over de toekomst van een aanzienlijk deel van Blijdorp. Grenzend aan Amazonica vind je immers ook de verlaten en bouwvallige tribune van de voormalige vogelshow. Er wordt al geruime tijd gespeculeerd over de toekomst van de naburige verblijven van de bizons, ijsberen en poedoes. Op een steenworp afstand is Blijdorp momenteel bezig met het renoveren van de volières van de ara’s en ibissen, waarbij expliciet wordt gekozen voor een flexibel ontwerp. Naar verwachting presenteert Diergaarde Blijdorp dit najaar een bijgestelde versie van het Masterplan 2030 – mogelijk wordt dan meer duidelijk.

Foto: Jim Louwerens (BB-Facebook). Amazonica in 2014.

Uit lijden verlost: Blijdorp slaapt zieke leeuwenwelp in

Foto: Maxime Stok (BB-Facebook)

Met pijn in het hart heeft Diergaarde Blijdorp besloten om Aziatische leeuw Mette te euthanaseren. De leeuwin worstelde met een aangeboren neurologische ziekte die vrijwel ieder aspect van haar leven domineerde. Op sommige dagen kon ze amper haar eten vinden en consumeren. Het resulteerde ook in een instabiele groepsdynamiek. Zo droevig als het is, helaas is het zeker geen unicum. In drie jaar tijd zijn er nu vier leeuwen gestorven in Rotterdam, waarvan drie kampten met hevige neurologische problemen.

Mette werd in 2018 geboren als dochter van Aapal en Lalana. Haar aandoening heeft ze waarschijnlijk van haar vaders kant geërfd. Toen Aapal in 2014 vanuit Singapore naar Europa kwam werd hij onthaald als broodnodig ‘vers bloed’ voor het fokprogramma, maar al snel bleek dat hij last had van een zeer heftige neurologische aandoeningen. In 2020 werd Aapal op tienjarige leeftijd ingeslapen.

In Blijdorp resteren nu Mettes moeder Lalana en Mettes zussen Asha en Reena. Ook Asha en Reena hebben neurologische afwijkingen, maar (vooralsnog) minder heftig. De Diergaarde houdt hun welzijn nauwlettend in de gaten en ze mogen hoe dan ook niet deelnemen aan het fokprogramma. Lalana lijkt gelukkig gezond en de verwachting is dat zij uiteindelijk weer gekoppeld zal worden aan een mannetje.

De laatste jaren is duidelijk geworden dat neurologische problemen veel algemener zijn bij Aziatische leeuwen dan gedacht. Zo moest Blijdorp in 2021 ook al afscheid nemen van leeuwin Bente. Het valt te herleiden tot stroperij: rondom 1910 resteerden slechts twintig Aziatische leeuwen wereldwijd, wat betekent dat er de afgelopen eeuw veel inteelt plaatsgevonden heeft. Diergaarde Blijdorp en de Universiteit Utrecht hebben het voortouw genomen bij het onderzoek naar oplossingen hiervoor.

Foto: Luciënne de Gier (BB-Facebook). Aziatische leeuw Mette (2018-2023).