Kort Nieuws

Oude bekenden

Foto: Cor de Gier (BB-Facebook)

Ze zijn terug van weggeweest: de Coloradopadden (Incilius alvarius). Toen de Zee van Cortez op de schop ging, verhuisden ze naar een verblijf achter de schermen, maar nu het Natuurbehoudscentrum is opgeleverd, kunnen ze hun oude onderkomen weer betrekken. Het voldeed immers nog prima en zo werd er gelijk wat geld bespaard. Ook de verblijven waar nu Aziatische zangvogels en wat zoutwatervissen leven en de toekomstige onderkomens van de gilamonsters en zeilhagedissen zijn ‘gerecycled’ voor het Natuurbehoudscentrum, al geldt meestal dat ze qua inrichting niet terug te herkennen zijn. De Coloradopad is een bijzonder dier, ook al ziet het er in vele opzichten uit als een doorsnee amfibie. Het IUCN beschouwt de Coloradopad als Least Concern, maar veel regionale overheden in de Noord-Amerikaanse Sonora-woestijn bestempelen hen als lokaal bedreigd. Hun witte gifklieren beschermen de padden immers wel tegen roofdieren (en zijn krachtig genoeg om een flinke hond om te leggen), maar tegen habitatvernietiging en pesticiden zijn ze niet opgewassen…

Schildpaddenschool

Foto: Zootierliste (zootierliste.de). Een volwassen McCordsslangenhalsschildpad

Nog meer nieuwe inwoners van het Natuurbehoudscentrum. In het zogenaamde ‘glazen huis’, de centrale ruimte van de zaal die alleen geopend is wanneer er toezicht wordt gehouden, heeft nog een aantal jonge schildpadden hun verblijven in gebruik genomen. In één terrarium zijn nu twee jonge spinschildpadden (Pyxis arachnoides), iets meer dan een jaar oud, te bewonderen en in een ander verblijf woont een kleine McCordsslangenhalsschildpad (Chelodina mccordi). Het zijn wellicht bekende namen: tot vrij recentelijk waren enkele volwassen McCordsslangenhalsschildpadden te vinden in het Aziëhuis en iets langer geleden hadden de spinschildpadden een verblijf in de Rivièrahal. Het zijn ook allebei soorten waar Blijdorp zich om prijst: beide soorten zijn opgenomen in de top 25 meest bedreigde schildpaddensoorten ter wereld. Van de McCordsslangenshalsschildpad wordt zelfs gedacht dat hij in het wild (functioneel) uitgestorven is. De Diergaarde behoort tot een handjevol organisaties dat met enige regelmaat fokt met deze soorten.

Soortgenoot

Foto: Johanna Kok (BB-Facebook)

Het is een markante verschijning: de Scheepmakers kroonduif, een van de eerste dieren die je op de reis door de Maleise Bosrand tegenkomt. Sinds kort hebben ze gezelschap van een roodsnavelkitta, een kraaiensoort met een groot verspreidingsgebied in Zuidoost-Azië. Blijdorp had al een roodsnavelkitta, deze verblijft in Taman Indah. Mogelijk wil de Diergaarde uiteindelijk proberen een koppeltje samen te stellen met deze dieren. De roodsnavelkitta is een mooi dier: hun blauwgrijze romp met witte onderzijde en lange, sierlijke staart en hun zwarte kop met witte kruin staan in schril contrast met hun felrode snavel. Vergelijkbaar met onze eigen kraai zijn ze niet kieskeurig en eten ze wat voorhanden is en zijn ze te vinden in veel verschillende leefomgevingen.

Scheiding

Recentelijk is een hek opgetrokken in het bongoverblijf. Met de nieuwe rastering is het verblijf in tweeën gesplitst: een kant met zicht op de Mhorr-gazelles en een tegenover de zebra’s. Het is niet bekend wat het doel van het hek is: vooralsnog mogen de twee bongo’s aan dezelfde kant staan.

Macho-Makaak

Foto: Cor de Gier (BB-Facebook)

Kuifmakaak Puzzle was een bijzondere: jaren lang werd gedacht dat hij onvruchtbaar was, want de fok met hem wilde maar niet lukken. In 2014 vielen er dan ook heel wat monden open toen bleek dat hij toch wel in staat was om zich voort te planten. Kennelijk had hij de smaak te pakken, want er werden in de jaren daarna nog heel wat kuifmakaakjes geboren. Na zijn overlijden in 2017 is de fok in Blijdorp echter stilgevallen. Daar moet een nieuwkomer, Kersen geheten, verandering in komen brengen. Zijn kennismaking met de groep verliep probleemloos. Wel vond hij de tunnel tussen het binnenverblijf en het buiteneiland een beetje eng, maar ook dat obstakel is inmiddels overkomen. De zwarte kuifmakaak is een kritiek bedreigde diersoort afkomstig van het Indonesische eiland Sulawesi, al loopt het Europese fokprogramma gelukkig op rolletjes.

Rectificatie

Foto: Dinie Smit (BB-Facebook)

In een eerder nieuwsbericht lieten we weten dat, nu leeuwin Bente uit het fokprogramma gehaald wordt, de zogenaamde Shantee-lijn tot een einde kwam in Rotterdam. Na publicatie kregen we echter een e-mail van een kenner die ons enige inzichten gaf in het Europese stamboek van de Aziatische leeuw. Wat blijkt? Voordat Shantee in 2005 naar de Diergaarde kwam, was ze elders al bevallen van een dochter genaamd Kolya. Shantee was al zwanger van Bente toen ze naar Blijdorp kwam, oftewel: deze Koyla is een zus van Bente. Koyla beviel later in Planckendael van een nestje van vijf. Een van die kleintjes kreeg uiteindelijk de naam ‘Lalana’. Lang verhaal kort: Lalana is een kleindochter van Shantee en de drie welpjes zijn dus achterkleinkinderen van Shantee. Zo leeft de oorspronkelijke Aziatische leeuw van Blijdorp dus alsnog voort…

In Memoriam

Foto: Danny Noorman (BB-Facebook)

Verzorgers bevestigen inmiddels dat het laatste Zuid-Afrikaanse stekelvarken eind vorig jaar ingeslapen is. Op zijn oude dag kwamen steeds meer kwaaltjes aan het daglicht, maar toen hij zelfs niet meer in staat was om te eten (zijn kaken hadden een lange achtergrondgeschiedenis van behandelingen) is besloten om hem uit zijn lijden te verlossen. Of Blijdorp plannen heeft om nieuwe stekelvarkens te gaan houden in de Krokodillenrivier, is niet bekend.

Blijdorper Baby’s

Foto: Greet van Norde (BB-Facebook)

Het is de voorbode van de geboortegolf die ons dit voorjaar te wachten staat: nadat begin januari al een witkruinmangabey geboren werd, inmiddels Quinn gedoopt, zagen in de Maleise Bosrand in de vroege uurtjes van afgelopen vrijdag en vandaag twee jonge bantengs het levenslicht. Het zijn de laatste jongen van banteng Bas, die zelf eind vorig jaar overleed.

Foto: Greet van Norde (BB-Facebook)

Natuurbehoudscentrum: de Ark is Geopend!

Foto: Vrienden van Blijdorp (vriendenvanblijdorp,nl). Het ‘glazen huis’

Vandaag was het dan zover: vele maanden aan zwoegen werden beëindigd met een ruk aan een gordijntje. Het Natuurbehoudscentrum, gesitueerd in de zaal waar voorheen een stukje woestijn werd gesimuleerd in de vorm van de Zee van Cortez, is een feit. Het Natuurbehoudscentrum, hoewel misschien klein in formaat, belichaamt de taakstelling van Diergaarde Blijdorp. Uiteraard is een onvergetelijk dagje uit iets waar de dierentuin naar streeft, maar wanneer puntje bij paaltje komt, gaat het om de conservatie van de mondiale biodiversiteit. Werkelijk iets om trots op te zijn.

Foto: Greet van Norde (vriendenvanblijdorp.nl)

Voorafgaand aan de opening van het Natuurbehoudscentrum mocht Marcel Kreuger namens de Vrienden van Blijdorp, de geldschieters van het project, even het woord voeren. Er werd stilgestaan bij wijlen Henk Zwartepoorte, in vele opzichten een onvergetelijk man. In de decennia dat hij actief was voor Diergaarde Blijdorp, slaagde hij erin om met vele uiterst zeldzame schildpaddensoorten te fokken. Misschien nog wel belangrijker was zijn bereidheid om deze kennis te delen met de wereld, waarmee hij organisaties als de Turtle Survival Alliance van grote dienst was. Omdat in de Diergaarde de middelen ontbraken om zijn volledige visie te verwezenlijken, zette hij de Stichting ReHerp op touw. Na zijn overlijden is een belangrijke drijfveer achter natuurbescherming weggevallen. ReHerp zal dan ook een groot deel van zijn collectie terugsturen naar hun bakermat, Blijdorp. Mary Vriens, huidige voorzitter van ReHerp en vrouw van Henk, mocht dan ook een gedenkplaat voor Henk onthullen in het Natuurbehoudscentrum en twee Egyptische landschildpadden vrijlaten in hun nieuwe onderkomen.

Foto: Jop Kempkes (BB-Facebook/Beheer)

Nog niet het gehele Natuurbehoudscentrum is af. Naar verwachting zal het nog een aantal weken duren totdat alle diersoorten te zien zijn. Een van de soorten die nu wel al aanwezig is, is dus de Egyptische landschildpad, in de wetenschap bekend als Testudo kleinmanni. Het IUCN merkt hem aan als kritiek bedreigd en de populatie krimpt nog altijd, omdat de Egyptische en Libische autoriteiten niet in staat zijn om de vernietiging van zijn leefgebied en de illegale huisdierenhandel een halt toe te roepen. De Egyptische landschildpad is een geboren overlever: zijn geringe grootte – de maximale schildlengte bedraagt nog geen vijftien centimeter – betekent dat hij niet veel voedingsstoffen nodig heeft en zijn lichaamskleur zorgt ervoor dat hij wegvalt tegen zijn omgeving. Het verblijf van de Egyptische landschildpad is direct bij binnenkomst een blikvanger. Het is op zich een vrij simplistisch opgezet onderkomen, maar de sporadische planten en rotsen bieden de dieren meer dan genoeg mogelijkheden om zich te verstoppen. Blijdorp had al een zevental van deze dieren achter de schermen, een gedeelte zal daar ook blijven. Het EEP van deze soort wordt sinds kort ook beheerd vanuit Diergaarde Blijdorp.

Foto: Jop Kempkes (BB-Facebook/Beheer)

De overburen van de Egyptische landschildpadden zijn de San Francisco-lintslangen. Het verblijf is een kunstwerkje op zich: het is een zeer divers verblijf, met waterige gebieden, drogere hooglanden, vele boomstronken en rotsspleten en wat hogere beplanting. Op zich zijn lintslangen een vrij talkrijke groep dieren, maar van deze specifieke variant wordt gedacht dat er nog maar een paar duizend exemplaren leven in het wild.

Foto: Jop Kempkes (BB-Facebook/Beheer)

De achterste zijde van het glazen huis is bestemd voor een stelling met terraria zoals je die wellicht ook achter de schermen zou aantreffen: het doet enigszins denken aan het Publiekslab. Het zijn stuk voor stuk verblijfjes die zo ingericht zijn dat ze makkelijk aangepast kunnen worden om onderdak te bieden aan verschillende soorten. Reptielenliefhebbers opgelet, hier zullen een aantal zeer zeldzame soorten te vinden zijn. Momenteel is de enige inwoner een jonge pannenkoekschildpad, wiens ouders vertoeven in de Krokodillenrivier. Volgens de bordjes kunnen we in de komende weken ook kleine McCordsslangenhalsschildpadden en spinschildpadden verwachten. Deze twee soorten zijn al een aantal jaar exclusief achter de schermen te vinden. Ook wordt hier met zeldzame planten gewerkt, momenteel is één terrarium toegewezen aan bromelia’s en in de nabije toekomst komen er ook primula’s – Diergaarde Blijdorp beheert van deze twee planten de Nationale Plantencollectie.

Foto: Wikipedia. Archieffoto van de Cyprinodon longidorsalis

Aan de voorkant van het glazen huis zijn drie aquaria opgesteld. Hoewel de filters hiervan momenteel nog op gang moeten komen en de aquaria nog leeg staan, weten we dat hier een aantal zeer zeldzame vissensoorten komen. Zo komt er een Mexicaanse rivierhabitat waar de La Palma tandkarper (Cyprinodon longidorsalis) een plekje krijgt. Het verhaal van dit visje kent zijn gelijke niet. Hij komt uit een rivier in Noordoost-Mexico, de Ojo de Agua la Presa – of beter gezegd, één kleine sectie van deze rivier. Een slootje dat bekend staat als Charco La Palma, met een oppervlakte van 10 vierkante meter en maximaal 1,5 meter diep: mogelijk het kleinste verspreidingsgebied van alle gewervelden. Als gevolg van opdroging door irrigatie is deze soort in 1994 in het wild uitgestorven. Ook een andere Mexicaanse vissensoort, de Zoogoneticus tequila, is overgekomen uit Aquazoo Düsseldorf. Doordat invasieve vissensoorten zijn uitgezet in zijn natuurlijke habitat, was hij bijna uitgestorven. Gelukkig lijken beschermingsmaatregelen hun vruchten af te werpen, maar voorlopig is de situatie alsnog dusdanig penibel dat deze soort voor de zekerheid achter de schermen blijft. Hetzelfde geldt voor de Allodontichthys polylepis, die functioneel is uitgestorven in het wild.

Foto: Ron DeCloux (AquaInfo). Archieffoto van de Paretroplus menarambo

Een tweede aquarium staat in het thema van Madagaskar. Zo gaat Blijdorp mangaraharacichliden voor de schermen houden. Van deze soort werd gedacht dat hij in het wild uitgestorven was, met alleen nog drie mannetjes in de dierentuin van Londen. Gelukkig werd bij een expeditie nog een klein groepje vrouwtjes aangetroffen dat vervolgens naar Europa getransporteerd is, waardoor de toekomst van de reservepopulatie in gevangenschap nu in ieder geval veilig gesteld lijkt. Ook gaat de Diergaarde werken met de bedreigde Malagassische soorten Pachypanchax sakaramyi, Pachypanchax menaramboParetroplus menaramboParetroplus damii en Paretroplus kieneri. Welke hiervan precies voor en achter de schermen komen, is nog niet duidelijk. Het derde aquarium gaat onderdak bieden aan achoque’s (Ambystoma dumerilii), een kritiek bedreigd broertje van de axolotl-salamander.

Foto: Jop Kempkes (BB-Facebook/Beheer). Het nieuwe vogelverblijf biedt vele landschapselementen waarachter de stressgevoelige inwoners desgewenst kunnen ontkomen aan het publiek.

Het centrale glazen huis, dat alleen toegankelijk zal zijn wanneer er vrijwilligers aanwezig zijn, is omgeven door nog een aantal verblijven. Het enige verblijf buiten het glazen huis dat momenteel in gebruik is genomen, is dat voor Aziatische zangvogels. Eigenlijk is dit het voormalige grondeekhoornverblijf met enkele lichte aanpassingen. Het koppeltje Balispreeuwen uit Taman Indah heeft hier zijn intrede gedaan, samen met een paartje roodoorbuulbuuls. In de nabije toekomst worden er shamalijsters en Palawan-pauwfazanten toegevoegd aan dat lijstje. Naast dit verblijf is een groot beeldscherm geplaatst waar bezoekers meer kunnen leren over de diverse conservatieprojecten waar de Diergaarde deel aan neemt.

Foto: Jop Kempkes (BB-Facebook/Beheer). Het krokodillenstaartjesverblijf in wording.

Nog vier andere Zee van Cortez-verblijven maken een terugkeer in een nieuw jasje. De Coloradopadden houden hun oude stek, de gilamonsters nemen een oud slangenverblijf nabij de ingang over. Een oud verblijf naast de toegang tot het Kelpwoud wordt momenteel geschikt gemaakt voor de Filipijnse zeilhagedissen, een paar oude bekenden van Blijdorp. Daartegenover is het oude zoutwateraquarium terug te vinden. Momenteel zijn hier alleen een drietal Cortez doktersvissen een een paartje egelvissen aan te treffen. Nieuw zijn de momenteel nog leegstaande verblijven voor Antilliaanse groene leguanen, ploegschaarschildpadden, krokodilstaarthagedissen en vuursalamanders, alsmede de nieuwe ruimte met broedmachines.

Kort gezegd: het Natuurbehoudscentrum is nog alles behalve af en dat zal het ook nooit echt zijn. Zijn inwoners zullen komen en gaan zoals natuurbeschermingsorganisaties dat nodig achten. We zullen nog veel horen van dit stukje Oceanium…

Natuurbehoudscentrum: Ambassade voor Biodiversiteit

Dát moet het worden. Geen nagebootste biotoop, maar een ruimte waar de verblijven praktisch worden ontworpen en dierenwelzijn op één staat en zoveel mogelijk wordt verteld over de conservatie van bedreigde diersoorten. In het Natuurbehoudscentrum, dat dit jaar in het Oceanium op de plek van de Zee van Cortez, gerealiseerd zal worden, krijgt de bezoeker een verzameling kritiek bedreigde diersoorten van over de hele wereld te zien. Een Vrienden-onderneming van formaat.

Als je in de afgelopen maanden eens een rondje Oceanium hebt gedaan, is de leegte in het woestijngebied pijnlijk merkbaar. Het duurde wat langer dan gedacht om de begroting rond te krijgen, ook al waren de meeste inwoners al verhuisd. Maar nu is de bouw eindelijk begonnen – of beter gezegd, de sloop! Over een paar maanden moet de ruimte namelijk niet meer te herkennen zijn en dat betekent dat de boel vrij rigoureus op de schop moet.

Foto: Ton Meuldijk (BB-Facebook). De grote renkoekoek, Geococcyx californianus.

In het Vriendennieuws worden de vrijwel definitieve plannen verteld. De achterzijde van de ruimte, de kant waar nu ook de cactustuin is, zal nog het meeste lijken op het bestaande geheel. De renkoekoeken, een van de huidige diersoorten in de Zee van Cortez, zullen verhuizen naar het bestaande grondeekhoornverblijf. Omdat Blijdorp hoopt dat het relatief prille koppeltje hier wellicht ook voor nageslacht zal zorgen, staat het nog niet vast of de ekstergaaien en konijnuiltjes – het drietal is niet per se een succesvolle combinatie – ook mee zullen verhuizen.

Het bestaande zoutwateraquarium en het terrarium voor de Coloradopadden voldoen allebei nog prima, dus ook die verblijven worden met rust gelaten. De gilamonsters keren ook terug. Hun terrarium staat gepland voor de muur die bij binnenkomst rechts is. Zij zijn dan wel niet bedreigd, maar verliezen wel steeds meer leefgebied en zouden daardoor op termijn in de problemen kunnen komen. De fok met deze reptielen wordt al gecoördineerd, dus het kan geen kwaad om de soort in het bestand te houden.

Foto: Rob van Eijk (BB-Facebook). De Antilliaanse leguaan, Iguana delicatissima.

De eerder genoemde cactustuin zal echter op de schop gaan. Hier komt een permanent verblijf voor de Antilliaanse leguaan. Momenteel woont één dier bij het Caraïbisch Café, maar het is de bedoeling dat vier wildgevangen dieren naar Rotterdam komen om bij te dragen aan het fokprogramma voor deze bedreigde diersoort. Het Europese stamboek van de Antilliaanse leguaan is door de dierentuin van Jersey opgezet. Minder dan tien EAZA-dierentuinen houden de soort, dus vers bloed is meer dan welkom. Op Sint Eustatius, één van de weinige eilanden in de Caraïben waar deze soort nog voorkomt, werkt de lokale overheid samen met Stichting Reptielen Amfibieën Vissen Onderzoek Nederland (RAVON) om dit dier te beschermen.

De helft van de zaal die het meest radicaal zal veranderen, is de kant die vroeger links van het pad was. De verblijven voor onder andere de swiftvosjes, de reptielen, vogels en enkele koudbloedigen gaan allemaal tegen de vlakte en de meeste inwoners zullen verhuizen naar andere dierentuinen. Langs het eerste deel van de wand komen meerdere verblijfjes voor vuursalamanders. Niet lang geleden kwamen vuursalamanders nog in zuidelijk Nederland voor, maar inmiddels zijn ze hoogstwaarschijnlijk (of in ieder geval functioneel) uitgestorven. Stichting RAVON had gelukkig uit voorzorg enkele salamanders gevangen en inmiddels wordt er met die dieren ook gefokt. In overleg met RAVON zal worden besloten of Blijdorp nageslacht of wildvang krijgt en of het wel of niet de bedoeling is dat er met ze wordt gefokt.

Foto: Anja Theunissen (BB-Facebook). De Chinese krokodilstaarthagedis, Shinisaurus crocodilurus.

Langs dezelfde muur komt ook een terrarium voor de Chinese krokodilstaarthagedis. Dit reptiel uit het Chinees-Vietnamese grensgebied is een zeldzaamheid geworden in het wild door het versplinteren van populaties. Sterker nog, het IUCN schat dat de wilde populatie in 30 jaar tijd met 84% is afgenomen. Blijdorp heeft reeds jaren aan ervaring met deze soort en houdt er tot op de dag van vandaag een paar in het Aziëhuis. Tot slot komen er een aantal broedmachines langs de muur.

Het hoogtepunt van het Natuurbehoudscentrum wordt het zogenaamde ‘eiland’ dat centraal staat in de ruimte. Deze ruimte met glazen muren zal alleen geopend zijn wanneer er vrijwilligers aanwezig zijn om te vertellen over de lopende projecten om dieren te beschermen en tegelijkertijd de boel in de gaten te houden. Aan één korte zijde komt een verblijf voor de San Francisco-kousenbandslang. Er zijn vele soorten binnen het geslacht der kousenbandslangen die het over het algemeen goed doen, maar van de San Francisco-variant wordt gedacht dat er nog maar een paar duizend in het wild leven.

Aan een van de lange zijden, die aan de kant van de vuursalamanders, komt een drietal aquaria. Op de ontwerpen is te zien dat er één bak komt voor een lid van het Ambystoma-geslacht, een groep salamanders uit Noord-Amerika waartoe ook de axolotl behoort. Voor de andere twee aquaria staat een verrassing gepland. Blijdorp wil namelijk twee vissoorten die kritiek bedreigd zijn, mogelijk zelfs uitgestorven in het wild, houden. Er wordt momenteel overlegd met de dierentuinen van Londen en Wenen om dit te coördineren. Door op meerdere plekken groepjes te plaatsen, is de kans minder groot dat één enkele onvoorziene ziekte of een technisch mankement de soort de das om doet.

Foto: Stichting ReHerp (reherp.nl). Een jonge Egyptische landschildpad (Testudo kleinmanni) kruipt uit het ei.

Aan de andere korte wand, tegenover de kousenbandslangen, komt een terrarium voor Egyptische landschildpadden en doornstaartagamen. Vooral de eerste diersoort is interessant: het is een van de meest bedreigde schildpaddensoorten ter wereld, met vermoedelijk alleen nog een kleine populatie in het door oorlog verscheurde Libië. Het fokprogramma voor deze zeldzame soort wordt beheerd vanuit Blijdorp. Naast dat het dus een belangrijke ambassadeur is voor bedreigde diersoorten, is het ook nog eens een leuk, actief dier om naar te kijken.

Aan de andere lange zijde, aan de kant van de Antilliaanse leguanen, komt een terrariumstelling voor jonge dieren van kleine diersoorten. De terraria worden zo flexibel mogelijk gemaakt, zodat ze kunnen worden aangepast voor de diersoort die er wordt ondergebracht. Met zulke verblijven wordt ook veelvuldig achter de schermen in de dierentuin gewerkt. In de komende jaren zullen we hier hopelijk McCords slangenhalsschildpadden, McCords doosschildpadden en Annam-waterschildpadden zien opgroeien. Deze kant van het glazen huis krijgt een dichte achterwand, zodat de dieren ook daadwerkelijk niet gestoord kunnen worden door bezoekers die op de ruiten tikken als er geen toezichthouders aanwezig zijn.

Foto: Stichting ReHerp (reherp.nl). De Annam-waterschildpad, Mauremys annamensis.

Daarnaast komt er in het Natuurbehoudscentrum nog een ruimte van 3 bij 5 meter voor de jongen van wat grotere diersoorten, zoals de Komodovaranen. Op de plattegrond staat nog een verblijfje ingetekend, parallel aan het aquarium van de zeevissen. Mogelijk wordt erover nagedacht hier de volwassen exemplaren van de eerder genoemde schildpadden te houden. De Vrienden hadden immers eerder aangekondigd dat zowel de slangenhalsschildpadden als de doosschildpadden voor de schermen te zien zouden zijn in het Natuurbehoudscentrum.

Als alles volgens de planning verloopt, moeten de werkzaamheden rond oktober van dit jaar zijn afgerond. Er is zo’n €100.000,- apart gelegd voor de verbouwing, als onderdeel van een veel groter jubileumgeschenk van 2,4 miljoen euro ter gelegenheid van het 55-jarige bestaan van de vereniging Vrienden van Blijdorp. Gedurende de bouw zal een deel van de constructie achter bouwschermen plaatsvinden, waar het publiek gewoon langs kan lopen. Mogelijk zal er tijdelijk gebruik worden gemaakt van de nooduitgang naast het huidige verblijf van de swiftvosjes om de bezoekersstroom soepel te laten verlopen. Daarnaast zal het verblijf voor de renkoekoeken iets langer op zich laten wachten dan de rest van het Natuurbehoudscentrum. Met oog op de aankomende werken voor Eiland-Hoppen en daarmee het afsluiten van het pad langs de reuzenschildpadden zal dit verblijf tijdelijk onderdeel worden van een pad dat achter het pinguïnverblijf langs loopt, waar de bezoekers tegen die tijd toegang tot zullen krijgen.

Ontwerp: Vrienden van Blijdorp (Vriendennieuws)

Nieuwjaarslezing 2018

Foto: Marcel Kreuger (Vrienden van Blijdorp)

In de vroege ochtenduurtjes van 14 januari dromden de Vrienden van Blijdorp samen bij het Oceanium waar, met uitzicht op het Haaienbassin, directeur Erik Zevenbergen het nieuwe jaar van de Diergaarde inluidde. In een speech die volgens menig aanwezige zeker een applausje waard was, sloot hij 2017 af en onthulde hij de toekomstplannen van de dierentuin voor 2018 en de jaren die komen gaan. Op verzoek van de directeur delen we geen foto’s van de presentatie, afgezien van een paar kiekjes van Vrienden-voorzitter Marcel Kreuger.

2017 was zo slecht nog niet. Met 1,4 miljoen bezoekers trok het park iets minder bekijks dan in 2016, toen dat aantal rond de anderhalf miljoen lag. Er waren afgelopen jaar dan ook geen grote verblijven geopend. Qua dierennieuws was het echter een topjaar: twee jonge neushoorns, twee jonge okapi’s en een heleboel ander jong grut passeerden de revue. Tot de nieuwe diersoorten behoorden o.a. de slanke lori’s, belangers toepaja’s, de teugelijsvogel, buissnavelvissen en twee soorten pijlgifkikkers. Blijdorper Bende heeft publieksprijzen uitgedeeld aan de meest populaire gebeurtenissen: klik HIER om de uitslag te bekijken!

Hoewel het NRC haar uitspraken over de vermeende totale bouwstop van eind vorig jaar nog niet heeft teruggenomen, laat Erik Zevenbergen weten dat de dierentuin in het 55-jarige jubileumjaar van de Vrienden van Blijdorp niet stil zal zitten. De focus ligt op de stapsgewijze verbouwing van het Oceanium. Als tweede fase van dit project (met de transformatie van de Florida-Tunnel en Murenenhoek naar het Great Barrier Reef in 2016 als eerste fase) zal dit jaar het Natuurbehoudscentrum gerealiseerd worden. De plannen voor de verbouwing van de Zee van Cortez tot Natuurbehoudscentrum zijn grotendeels ongewijzigd gebleven. In dit gedeelte van het Oceanium worden in meerdere verblijven een selectie van de meest bedreigde diersoorten die de dierentuin rijk is ondergebracht.. Denk aan de Egyptische landschildpad, de doornstaartagame, de Annam-waterschildpad, de McCords slangenhalsschildpad (vuur)salamanders, het gilamonster, de krokodilstaarthagedis en de Antilliaanse leguaan, maar ook minder bedreigde soorten zoals als de renkoekoek. Langs een van de muren komt een nieuwe broedruimte. De nadruk zal hier liggen op het educatieve aspect, onder meer door de aanwezigheid van een ‘doe-tafel’ voor kinderen. Dit project wordt mogelijk gemaakt door een donatie van de Vrienden van Blijdorp die een groots bedrag van €100.000,- bedraagt.

‘Eiland Hoppen’, het onderdeel Oceanium 2.0 dat in de loop van 2018 en 2019 uit de grond zal worden gestampt, moet een beleving worden waar duidelijk moet worden hoe divers de verschillende eilanden van de uithoeken van de planeet zijn. Blijdorp hoopt nu een stukje van deze schoonheid naar Rotterdam te halen. Wie kent de prachtige natuurdocumentaires over bijvoorbeeld de Galapagoseilanden niet? Dit idee, dat al langer op tafel ligt, is verder uitgewerkt sinds vorige plannen bekend werden gemaakt. Dit project wordt echter meer nieuwbouw dan verbouw.

Het gebied Eiland Hoppen wordt grotendeels een aanbouw tegen de bestaande buitenmuren van het Oceanium. De bestaande kas voor de reuzenschildpadden wordt helemaal doorgetrokken tot aan het terrein waar momenteel geen dierenverblijven staan. In deze kas wordt de continentale indeling losgelaten, zoals ook al het geval is met het beoogde bestand van het te bouwen Natuurbehoudscentrum en de plaatsing van het Great Barrier Reef. Het nieuwe gebied wordt betreden na de Falklands, waar de pinguïns huizen.

Foto: Tom van Deuren

Het eerste deel heeft als thema ‘Madagaskar’. Deze keuze lijkt te suggereren dat het plan om een Madagaskarbiotoop te creëren in de Grote Vijver definitief van de baan is. Een prominent onderdeel van dit stukje Madagaskar wordt een doorloopvolière voor ringstaartmaki’s in de buitenlucht, die uitsluitend te betreden zal zijn via het Oceanium. Uit de concepten die vertoond zijn tijdens de presentatie, kunnen we een idee krijgen hoe het geheel eruit zal zien ook, al kan er nog veel veranderen. Nogmaals, wij hebben geen toestemming om die beelden te delen en zullen het dus met een woordelijke omschrijving moeten doen.

In plaats van de bestaande afslag naar rechts na de ijsschotsen, gaat het nieuwe pad naar links na de schuifdeuren. Aan de wand wordt informatie gegeven over het unieke natuur op Madagaskar. In diezelfde gang zijn de binnenverblijven van de ringstaartmaki’s te zien. De groep ringstaartmaki’s die momenteel gehuisvest wordt op het eiland bij de Tijgerkreek, zal hier naartoe verhuizen. Er wordt nog gekeken of er bijvoorbeeld ook vari’s gehouden zullen worden. Die gang leidt vervolgens direct naar het doorloopverblijf van de lemuren.

Deze volièreconstructie, die bij de presentatie ook wel het ‘Eric Hille’-verblijf werd genoemd, komt op de locatie van het huidige manenwolvenverblijf. Momenteel woont er één jong vrouwtje van deze soort in Rotterdam en het lijkt er niet op dat er in de nabije toekomst een soortgenoot voor haar kan worden gevonden, noch kan ze ergens anders in Blijdorp gehouden worden, dus waarschijnlijk zal zij naar een andere dierentuin verhuizen. Dit verblijf zal niet goed zichtbaar zijn vanaf het hoofdpad dat langs deze volière loopt en dus niet ‘overvloeien’ in het aangrenzende themagebied Zuid-Amerika.

Het pad in het doorloopverblijf maakt een rondje door de volière en gaat vervolgens weer naar binnen. Dan kom je terecht in een ruimte die is afgeschermd van de andere twee derde van de nieuwe kas. De precieze invulling van deze ruimte is nog niet bekend, maar op de ontwerpen is rekening gehouden met enkele verblijven voor kleine diersoorten die er geplaatst kunnen worden en het feit dat dit gedeelte van de kas wordt afgescheiden van de rest, zou kunnen betekenen dat er ook wordt nagedacht over het houden van vogels.

Foto: Karin Seltenrijch (BB-Facebook)

Via het ‘Komodo Ranger Station’, een educatief punt dat ook als sluis tussen de twee delen van de kas zal fungeren, kom je in de ruimte die zal worden toegewijd aan het Indonesische eiland Komodo en aan de Galapagoseilanden. Zoals voor de hand ligt, zullen de Komodovaranen en Galapagos reuzenschildpadden hier centraal staan. Opmerkelijk is dat er alweer geïnvesteerd wordt in een onderkomen voor de Komodovaranen – in 2012 hebben de Vrienden van Blijdorp immers nog een nieuw verblijf gefinancierd in het Aziëhuis. Dit verblijf bleek eigenlijk slechter dan hun oude onderkomen in de Rivièrahal.

In het oude verblijf konden ze graven, het was aangekleed met echte planten en er was meer loopruimte voor het paartje. In het Aziëhuis joegen de twee elkaar op en wanneer het rolluik naar beneden was om de varanen te scheiden, waren de twee ruimtes alsnog kleiner dan wenselijk. De grote nadelen van de Rivièrahal zijn echter dat de stookkosten de pan uit reizen, er geen gedeelte is om te zwemmen en het, daar het niet op biotoop is ingedeeld, veel te wensen overlaat op educatief gebied. Hopelijk zal het onderkomen in het Oceanium het beste van twee werelden combineren. Zo wordt in het ontwerp aangegeven dat de twee varanen standaard gescheiden worden gehouden en kunnen ze er zwemmen. Wat er gebeurt met de oude verblijven van de Komodovaranen, staat nog niet vast.

Visueel worden de twee helften gescheiden van elkaar met beplanting. Er wordt nagedacht om het verder van elkaar te splitsen door nog een hut met educatie over de Galapagos te maken langs het pad. Deze route gaat overwegend langs de buitenbocht van de kas, al komt er misschien een korte route die in het hoogseizoen open gaat. Het verblijf voor de schildpadden, in tweeën gesplitst door het bezoekerspad, maar dat via een verbinding onder het pad langs alsnog in één geheel vormt, wordt verder aangekleed met water en gestolde ‘lavastromen’.

Foto: Jop Kempkes (BB-Facebook/Beheer), situatie per 8 januari 2018.

Dan over die andere monsterklus, aan de andere kant van de Diergaarde: de restauratie van het Roofdieren-Gebouw. Al meerdere jaren wordt daar nu gewerkt aan een verblijf voor gelada’s, maar door vele problemen die veroorzaakt werden door de status als rijksmonument van dat gebouw en de grootschalige budgetoverschrijdingen kwam de bouw meerdere malen helemaal stil te liggen. Het einde is gelukkig in zicht, zo laat Erik Zevenbergen weten: de binnenverblijven zijn gebruiksklaar! Dat mag ook wel, want binnenkort komt een tweede groep gelada’s aan in Rotterdam en die zullen voorlopig daar worden ondergebracht. Medio 2016 kwam er al een harem aan, die sindsdien wordt gehouden in een achter de schermen verblijf bij het Henri Martinhuis.

Het oorspronkelijke idee was om in het verblijf van de samengevoegde roofdierterrassen een hooglandbiotoop te laten zien en in het verblijf aan de andere kant meer een rotsachtig verblijf te maken. Er waren wel enkele rotsen gepland aan de kant van de roofdierterrassen, maar op verzoek van de stamboekhouder van de gelada’s zullen hier nu twee extra rotsen bij komen, om aan de (klim)behoeften van de dieren te voorzien. De Vrienden van Blijdorp zullen dit met een gift van €50.000,- mogelijk maken. Verder moet de netconstructie nog gemaakt worden en moet het nodige aankleden gedaan worden. Het nieuwe geladaverblijf moet in de eerste helft van dit jaar geopend worden.

Twee andere aangekondigde verbouwingen (het zou Rotterdam immers niet zijn) zullen bij de Savanne plaatsvinden. Het kijkpunt over zowel het zebra- als giraffeverblijf bij de Lelievijver-fontein wordt onder handen genomen. De Koedoekraam wordt vervangen door een verbeterd horecapunt om de knooppunten zoals de Lepelaar en de Oewanja Lodge te ontzien op drukke dagen. De route van het treintje wordt ook enigszins verlegd om voor minder overlast te zorgen.

Al met al, 2018 belooft als vanouds een prachtig jaar te worden voor Blijdorp.

Kort Nieuws

Foto: Diertje van de Dag. buissnavelvis, archieffoto
  • Nieuw in Diergaarde Blijdorp: een school ‘tube-snout’-vissen (Aulorhynchus flavidus). Deze buissnavelvissen zijn overgekomen uit het Vancouver Aquarium in Canada en kunnen tot 18 centimeter lang worden. Net zoals (zoet water) naaldvissen hebben ze een erg langgerekt lichaam. Ze komen voor in de koude wateren voor de Alaskaanse en West-Canadese kusten, waar ze zich ophouden bij kelpwouden en grote groepen zeegras. Naar verwachting zullen ze binnenkort te zien zijn in het Kelpwoud waar een soortgelijke leefomgeving wordt nagebootst. In het wild zijn ze dan ook afhankelijk van kelp om hun eieren te leggen. Zootierliste, een database van dieren in EAZA-dierentuinen, beaamt dat Blijdorp de enige dierentuin in Europa is met deze diersoort.
  • Het nieuwe pad tussen de Prairie en Arctica is geopend. Tijdens de werkzaamheden aan het bizonverblijf is een beginnetje gemaakt aan een paadje dat uiteindelijk om het hele verblijf moet lopen. Voorlopig fungeert het als een doodlopend uitzichtpunt, dat wel een uniek perspectief op het verblijf van de ijsberen biedt.
  • Op 19 september is nog een witkruinmangabey geboren! Op 5 september kwam ook al een aapje ter wereld, een meisje dat de verzorgers Evita hebben genoemd. De Diergaarde levert een cruciale bijdrage aan het fokprogramma van deze zeldzame primaten. Tot de andere pasgeborenen behoren onder meer een paar Kaapse grondeekhoorns en witwangfluiteenden.
  • De Mhorr-gazelles trokken afgelopen week flink de aandacht. Op 13 september had een van de gazelles een bevalling die door aanwezigen als ‘moeizaam’ omschreven werd. Gelukkig liep het uiteindelijk goed af, het jong hupst inmiddels vrolijk in het rondte. Een andere gazelle liep afgelopen dinsdag rond met een flinke open wond op zijn achterpoot. Een oplettende bezoeker heeft de verzorgers ingelicht.
  • Afgelopen donderdag mocht jonge giraffe Kayin voor het eerst de Grote Vlakte op. Sinds zijn geboorte begin augustus verbleef hij in binnenverblijf ‘de Ui’, maar laatst kon hij eindelijk in bijzijn van zijn kuddegenoten de poten in de buitenlucht strekken. Zijn enthousiaste bokkensprongen trokken veel bekijks!
  • In de nacht van 2 op 3 september is een Laplanduil overleden. Hoewel de doodsoorzaak niet bekend gemaakt is, zou het gaan om een geval van het Usutu-virus. Beter bekend als de ‘merelziekte’, roeit dit virus op ongekende schaal merels uit, maar ook uilen kunnen geïnfecteerd raken. Wetenschappers spreken van een ware epidemie. De afgelopen jaren is het virus door muggen noordwaarts verspreid, wat tot de dood van honderdduizenden merels heeft geleid en het einde van de massasterfte is nog niet in zicht. Volgens bezoekers van de dierentuin is de andere Laplanduil een paar maanden geleden al overleden, wat dus zou betekenen dat de volière nu leegstaat.
  • Een kleine update betreffende de veranderingen in het Aziëhuis: er wonen twee slanke lori’s, een vrouwtje uit Frankfurt en een mannetje uit Antwerpen. Allebei de toepaja’s zijn vrouwtjes. De bedreigde reptielen de voorheen hier verbleven (McCords slangenhalsschildpadden, Annam-waterschilpadden en Filipijnse zeilhagedissen) komen naar verluidt allemaal terug in het te bouwen Natuurbehoudscentrum in het Oceanium.

Foto: Greet van Norde (BB-Facebook). Kleine mangabey.

Foto: Rob van Eijk (BB-Facebook)