Nieuwjaarslezing 2019

Foto: Vrienden van Blijdorp (Facebook)

Met meer dan 1,4 miljoen bezoekers was 2018 een mooi jaar voor Blijdorp. De oplevering van het geladaverblijf was een mijlpaal, maar ook het makiverblijf luidde een nieuwe fase in voor de verbouwing van het Oceanium. En 2019 belooft evenveel mooie momenten, als niet meer. Op de jaarlijkse Nieuwjaarslezing van de Vrienden van Blijdorp had directeur Erik Zevenbergen meer dan genoeg om te vertellen.

Te beginnen met de lopende projecten. Nadat in 2018 al een mooi doorloopverblijf voor ringstaartmaki’s uit de grond werd gestampt, zijn de verwachtingen hoog gespannen voor de rest van het project Eilandhoppen. Wel zullen we nog even geduld moeten hebben, want het zou heel goed kunnen dat de werkzaamheden flink wat tijd in beslag gaan nemen. In grote lijnen blijft de opzet van deze nieuwe aanbouw van het Oceanium ongewijzigd, maar aan de nieuwe plattegronden en conceptafbeeldingen is te zien dat de exacte invulling beetje bij beetje duidelijk wordt. Wanneer je het makiverblijf, een nabootsing van de dorre zuidkust van Madagaskar, verruilt voor de tropische sferen van de kas waan je je in een regenwoud. Op diverse plekken in de hal, die ruim zes meter hoog wordt, maak je kennis met de excentrieke eilandbewoners. In het oog zal gelijk het verblijf voor de boky-boky’s springen, een immer actieve mangoestensoort. Ook worden er verblijven ingericht voor Madagaskarleguanen, de felrood gekleurde Madagaskarwevervogels en de uiterst zeldzame ploegschaarschildpadden. Daarnaast is het de bedoeling dat het flora-aspect van de natuur hier nadrukkelijk naar voren komt, met onder andere de waterbanaan als bijzondere verschijning.

Via het ‘Komodo Ranger Station’, een educatieve tussenruimte, kom je in de rest van de nieuwe kas. In deze ruimte ga je op expeditie langs de Komodovaranen en Galapagosreuzenschildpadden, beide reusachtige reptielensoorten, van elkaar visueel gescheiden door een flinke hoeveelheid beplanting. In het segment van de Komodovaranen loopt het pad langs de muur van de ruimte, met de varanen in de binnenbocht. Vergelijkbaar met de Krokodillenrivier kijk je hier van bovenaf het verblijf in, dat ongeveer één of twee meter lager dan het pad ligt. De opzet van het verblijf is in vele opzichten eigenlijk het beste van twee werelden, vergeleken met de huidige verblijven in het Aziëhuis en de Rivièrahal. In tegenstelling tot het Aziëhuis wordt er uitgegaan van een doorgaans gescheiden bestaan van het mannetje en vrouwtje, met alleen contact tussen de dieren wanneer het vrouwtje vruchtbaar is. Tevens wordt het verblijf ingericht zodat er weer lekker gegraven kan worden zoals dit het geval was in de Rivièrahal, met een gronddiepte variërend van 50 tot 75 centimeter. Ook komt er weer een waterpartij voor de dieren om in de zwemmen, een van de grote verbeteringen in het Aziëhuis. Daarnaast wordt het verblijf uitgerust met sproei-installaties en UV-lampen.

Via een educatief hutje kom je bij de reuzenschildpadden. Dit gedeelte is het minst nauwkeurig uitgewerkt van de drie zones. Wel is het goed duidelijk geworden dat er veel wordt ingegaan op de geologie van de archipel, gevormd door water en vuur. Er komt een stuk met zeewater, omgeven door gestolde lava en meer van dit soort rotsblokken liggen verspreid door het perk. Leuk voor het publiek, maar ook nuttig voor de dieren: in gevangenschap kampen schildpadden vaak met pootproblemen omdat ze te weinig bewegen en het is bewezen dat enig reliëf goed is voor de ontwikkeling van dat soort spieren. Het pad loopt dwars door het perk heen met halverwege een brug waar de schildpadden onderdoor kunnen.

Het is wellicht minder interessant voor het publiek, maar voor de verzorgers moet Eilandhoppen een vooruitgang in werkomstandigheden bieden. De verzorgersruimte loopt onder het bezoekerspad en zo hoeven ze zich op drukke dagen niet door de menigtes heen te worstelen. Onder de Galapagos-hut is er ruimte om de dieren te scheiden van elkaar. Op drukke dagen kan de Diergaarde een ander pad openstellen, een zogenaamde bypass, waarmee men vanaf het Komodo Ranger Station gelijk naar de ingang van het Natuurbehoudscentrum gaat. Opmerkelijk is dat op de plattegronden een verblijfje voor Filipijnse zeilhagedissen is ingetekend bij de bypass, want volgens andere plannen zou deze soort, vroeger te zien in het Aziëhuis, al een onderkomen krijgen in het Natuurbehoudscentrum.

Aan de andere kant van de Diergaarde, bij de Oude Ingang, sleept zich al jaren een bouwproject voort: de aanpassingen aan het Flamingo-Strand. Door een nieuwe wet mogen vogels niet meer geleewiekt worden: de permanente ingreep waardoor vogels niet meer kunnen vliegen. Grootschalig kortwieken van de flamingo’s is niet haalbaar, dus is het onvermijdelijk dat er een volière moet worden gemaakt over het bestaande flamingoverblijf. Meteen stuitte dit plan echter op veel weerstand vanwege de strenge regels die gelden voor dit stukje Diergaarde, met oog op Van Ravensteyns monumentale ontwerpen. Maar, er zit schot in de zaak! Inmiddels heeft Blijdorp een architect in arm genomen die zich specialiseert in dit soort zaken en er is nu een ontwerp dat hopelijk zonder veel ophef uitgevoerd kan worden. Het wordt een ronde volière, waar de bezoeker naar binnen kan en vanaf een vlonder de dieren kan bewonderen. Er wordt gestreefd om de nieuwe volière dit najaar op te leveren.

Bij de Nieuwjaarslezing werd echter niet alleen gekeken naar wat voor plannen er dit jaar verwezenlijkt kunnen worden. Erik Zevenbergen ging ook in op de financiële situatie van het park. De exploitatie van de dierentuin is voldoende om de bedrijfsvoering mee rond te krijgen, maar het budget staat weinig toe op het gebied van grote bouwprojecten. Daarom wil de Diergaarde zich wenden tot externe partijen, zoals de directeur ook al liet weten bij zijn interview met Blijdorper Bende vorig jaar. Cruciaal voor het verwerven van dit soort fondsen is dat Blijdorp voorbeelden kan laten zien van wat ze willen bewerkstelligen. De combinatie van al dit soort plannen, ideeën en dromen vormt samen het Masterplan 2030: de leidraad voor toekomstige projecten in de Diergaarde. Erik Zevenbergen vertoonde alvast een aantal van deze concepten op de Nieuwjaarslezing. Vergeet niet dat al deze ideeën zich in een zeer vroeg stadium van ontwikkeling bevinden en het zeker jaren zal duren voordat de eerste van deze klussen, hoogstwaarschijnlijk tegen die tijd flink afwijkend van de huidige ontwerpen, ook daadwerkelijk uitgevoerd zullen worden.

In de nieuwe toekomstplannen wordt gekeken naar het combineren van de vijf rijksmonumenten die nog gerestaureerd moeten worden (Rivièrahal, Takinrots, Grote Vijver, Bongostal en Bosrendierenstal) en vooruitstrevend dierenwelzijn. Een mooi voorbeeld hiervan zijn de plannen voor de Takinrots. Het is een vrij simpel concept: de rots wordt in ere hersteld en gaat onderdak bieden aan de rode panda’s en kuifhertjes. Het Europese fokprogramma van beide soorten staat onder beheer van de Diergaarde en daarom vindt Blijdorp het belangrijk om toonaangevend te zijn met de huisvesting van deze dieren. Er wordt gekeken naar de mogelijkheden om de flinke lap grond achter de rots ook op te nemen in het verblijf.

Eveneens vrij eenvoudig zijn de plannen die gemaakt zijn voor de Victoria Serre, het deel van de Rivièrahal dat het dringendst toe is aan onderhoud. Blijdorp dient zich hier te houden aan de bestaande paden en architectuur. Het is de bedoeling dat de Tropenvleugel, net als nu, onderdak gaat bieden aan zeldzame tropische vogels. Er gaat veel aandacht besteed worden aan voorlichting en fokprogramma’s, het wordt wel omschreven als ‘ontmoetingsplek’ voor mens en dier. De bouwwerkzaamheden zullen zich dus hoofdzakelijk focussen op puur restaureren.

De Grote Vijver wordt omschreven als ‘blank canvas’. De diverse geschiedenis van het complex betekent dat er best veel mogelijk is met de restauratie. Er zijn hele uiteenlopende ideeën over het gebruik van het hoofdeiland en de kleinere omringende eilanden. Ook wordt er gekeken naar de toekomst van tijgers in Blijdorp: de huisvestingseisen voor de katachtigen is sterk veranderd sinds de oplevering van de Tijgerkreek en het wordt steeds moeilijker om hieraan te voldoen. Mogelijk wordt het verblijf omgebouwd tot perken voor andere soorten, zo werden er tapirs en nevelpanters genoemd als mogelijkheden. In andere versies wordt het gebruikt als horecapunt en in weer andere versies wordt het eiland in de Grote Vijver een terras en worden de omringende eilandjes gebruikt als waterspeeltuin. Kortom: de toekomst van de Grote Vijver staat geenszins vast.

Écht spraakmakend wordt het overigens pas bij de dromen die Blijdorp heeft voor het olifantenverblijf. Taman Indah was eens het toonbeeld van dierenwelzijn en de Diergaarde wil dat het dat weer wordt. Het buitenverblijf moet groeien: het bongoverblijf, het kamelenverblijf en het gehele Aziatisch Moeras worden allemaal opgenomen in het verblijf. Het resultaat is een reusachtig perk, dat de olifanten toestaat om op natuurlijke wijze ‘rond te trekken’. De Vleermuizengrot krijgt een nieuwe bestemming als binnenverblijf voor de mannelijke olifanten (of mogelijk meerdere bullen, de nieuwe afmetingen zouden dat toestaan). De oude ‘papegaaienlaan’ zou ook kunnen terugkeren in de vorm van het ‘olifantenduct’ dat al vaker besproken is in het verleden. De bongostal kan, vergelijkbaar met de Toko Tjitjak, worden omgetoverd tot een horecapunt met uitzicht op het olifantenverblijf. Hoewel het misschien klinkt alsof deze plannen gepaard gaan met het verdwijnen met veel diersoorten, valt dit best mee nu het Aziatische Moeras steeds meer leegloopt. Er wordt nog gekeken naar mogelijkheden om ook andere dieren met de olifanten samen te laten leven.

Al dit toekomstdromen werd afgesloten met de opening van de Vriendenbazaar. Een aantal van de vrijwilligers lieten een zeil met daarop een foto van de oude Vriendenwinkel zakken en onthulden zo het nieuwe gebouw, dat thematisch aansluit op de rest van het Keuzeplein en de poort naar het Azië-gedeelte. Het nieuwe pand is een hele verbetering: in plaats van in weer en wind buiten te staan en onder een afdakje naar wat knuffeldieren te kijken, kan je nu naar binnen en daar rustig rondkijken. Dit maakt het hopelijk niet alleen wat aantrekkelijker om er iets te kopen, maar betekent ook dat de vrijwilligers er beter kunnen vertellen wat de Vrienden van Blijdorp allemaal betekenen voor de Diergaarde. Hopelijk wordt het goed zaken doen: des te sneller kunnen alle mooie plannen die hierboven genoemd zijn werkelijkheid worden.

Foto: Vrienden van Blijdorp

Buren bij de Lemuren

Foto: Greet van Norde (Vrienden van Blijdorp)

Even terug: nadat in 2016 het Great Barrier Reef werd opgeleverd, werd ons verteld dat de volgende renovatie van het Oceanium die van de Zee van Cortez zou zijn. Toch waren het vandaag niet de Antilliaanse leguanen die hun nieuwe stekje betrokken, maar de ringstaartmaki’s! Het was een dag vol schijnbare tegenstellingen in Diergaarde Blijdorp. In een voor de rest rustige dierentuin dromden twee zalen aan Vrienden van Blijdorp ’s ochtends bijeen in het Oceanium. Ondanks deze grote opkomst vond de officiële openingshandeling plaats in het bijzijn van een handjevol aanwezigen. Om nog maar te zwijgen over hoe deze winterse dag eigenlijk net even te koud was voor de exotische lemuren! Een rare samenloop van omstandigheden die misschien alleen maar passend is voor deze opmerkelijke halfapen.

Foto: Greet van Norde (Vrienden van Blijdorp)

De opening werd voorafgegaan door een praatje door Vrienden-voorzitter Marcel Kreuger en Marjolein van Klei, vakgroephoofd Amerika. Er werd even stilgestaan bij Eric Hille, wiens legaat dit verblijf mogelijk heeft gemaakt. Hij was zijn hele leven een trouwe supporter van de Diergaarde en besloot dat zijn vermogen na zijn overlijden besteed zou mogen worden door de vereniging Vrienden van Blijdorp. Als dank hiervoor vond de kleine openingshandeling plaats in besloten kring, met directeur Erik Zevenbergen, Marcel Kreuger, de verzorgers en Eric’s familie. Wel kon dit moment voor het eerst in Blijdorp-geschiedenis op een afstandje gevolgd worden via een livestream van de Vrienden van Blijdorp op Facebook!

Foto: Jop Kempkes (BB-Beheer/Facebook)

De visie die de Diergaarde voor ogen had toen begonnen werd met de constructie van dit verblijf, is mooi tot uiting gekomen. Het nieuwe tehuis van de ringstaartmaki’s in Blijdorp is veel natuurgetrouwer vormgegeven dan in andere dierentuinen. Ringstaartmaki’s leven in het wild op de dorre zuidpunt van Madagaskar en hun buitenverblijf is dan ook op die manier ingericht. De vegetatie wordt gekenmerkt door korte, stekelige planten die her en der afgewisseld wordt door wat grotere begroeiing om in de klimbehoefte van de maki’s te voorzien – al was vandaag alles gesluierd door een laagje sneeuw.

Foto: Jop Kempkes (BB-Beheer/Facebook)

Het landschap wordt onderbroken door een hutje, met daarin informatieve borden over de ringstaartmaki’s. Zo kan je hier een idee krijgen hoe de voetzool van een lemuur voelt: de textuur geeft de dieren dusdanig veel grip, dat de verzorgers afgelopen week verrast werden door maki’s die recht omhoog klommen langs de gladde metalen pilaren in het doorloopverblijf! Iets verderop stuit je op nog een huisje, ditmaal niet toegankelijk voor het publiek. Hier kunnen de maki’s, echte liefhebbers van de hitte, op kille dagen opwarmen terwijl ze toch in het zicht van de bezoekers zitten. Hetzelfde principe gaat op voor de kleine baobab-replica iets verderop. Het pad maakt een lus door het verblijf en zal in de toekomst hopelijk regelmatig overgestoken worden door de inwoners. Het is roodgekleurd, een kleine verwijzing naar de bijna Mars-achtige aarde die in grote hoeveelheden aanwezig is op Madagaskar.

Foto: Diergaarde Blijdorp (DB-Facebook)

Op dagen dat het te koud is voor de dieren om naar buiten te gaan, zoals vandaag, zijn ze alsnog zichtbaar achter het glas in hun binnenverblijf. Op het eerste gezicht is het een vrij simpel onderkomen dat gebruik maakt van tralies. Het is weliswaar geen esthetisch kroonjuweel, maar het staat de verzorgers wel toe om de maki’s ongehinderd te observeren en ze op die manier van de juiste zorg te voorzien. Het binnenverblijf, dat gesitueerd is in een kleine aanbouw, bestaat uit vijf aangrenzende ruimtes die van elkaar afgesloten kunnen worden indien nodig. Achterin het buitenverblijf is eveneens een kleine separatiekooi.

Foto: Danny Noorman (BB-Facebook). De andere makigroep in de Grote Vijver.

Momenteel wordt dit stukje Madagaskar bevolkt door een groepje van negen vrouwelijke ringstaartmaki’s, die binnenkort gezelschap krijgen van een paar mannetjes. Met zoveel dierentuinen die ringstaartmaki’s houden, zou je bijna vergeten hoe bijzonder deze soort is! Hun meest opvallende lichaamsdeel, de gestreepte staart die langer is dan de rest van hun lichaam, heeft meerdere functies. Zo gebruiken vrouwtjes ze om hun jongen warm te houden, maar door hun staarten tussen hun polsen te wrijven kunnen ze ook geursignalen afgeven. Op die manier worden territoria afgebakend, maar ook voor communicatie binnen de groep worden ze gebruikt. Wel zo handig voor een diersoort die een groot deel van hun dag besteedt aan onderlinge verhoudingen en rangordes. Het zijn veelzijdige diertjes die behendig genoeg zijn om zich met gemak tussen boomtoppen te verplaatsen, maar een groot deel van hun activiteit vindt plaats op de grond. Wanneer ze hier lopen, kan je al snel zien waarom hun wetenschappelijke naam Lemur catta is: hun gestalte heeft wel iets weg van dat van een kat.

Hoewel de ringstaartmaki’s vandaag binnen moesten blijven, mochten ze eerder deze week al eens op verkenningstocht gaan in hun nieuwe verblijf. Hoe dat eraan toeging, zie je hieronder!

Makiverblijf: een voorproefje…

Foto: Patty Kloosterman (BB-Facebook). De maki’s voelen zich al helemaal thuis in Rotterdam!

Eigenlijk had het nieuwe doorloopverblijf voor de ringstaartmaki’s afgelopen zondag zijn deuren moeten openen. Sterker nog, het verblijf is al gebruiksklaar! De enige kink in de kabel is dat de inwoners nog niet zo lang geleden aangekomen zijn vanuit Apenheul en proceduregetrouw in quarantaine moeten blijven voor een week of vier. De groep die momenteel op het eiland in de Grote Vijver vertoeft, zal daar namelijk hun oude dag slijten in alle rust. Om de mensen die speciaal een plekje in hun agenda hadden gereserveerd tegemoet te komen, mochten leden van de Vrienden van Blijdorp gisteren even poolshoogte komen nemen. Al met al ziet het verblijf er erg fraai uit en het zal zonder twijfel in de smaak vallen bij de halfapen: zeker een waardige entree tot de nog te bouwen Eilandhoppen-kas. Kon je er gisteren niet bij zijn? Niet getreurd…

Foto: Patty Kloosterman (BB-Facebook)
In het verblijf staan twee educatieve hutjes. Eén is te zien op de voorgrond, de ander rechtsachter.
« 1 van 4 »

Apetrots op de nieuwe Apenrots!

Foto: Jop Kempkes (BB-Facebook/Beheer)

Dat zijn dierentuindirecteur Erik Zevenbergen en Vrienden-voorzitter Marcel Kreuger, zo lieten ze vandaag weten. Nadat het nieuwe geladaverblijf donderdag al in besloten kring officieel ingewijd werd, mochten vandaag de Vrienden van Blijdorp – goed voor een bijdrage van van €50.000 – ook een kleine openingshandeling verrichten. ”Een rots in de branding”, zo omschreef Zevenbergen Blijdorp’s trouwe achterban die de Diergaarde al 55 jaar met geld en goede wil ondersteunt.

Foto: Greet van Norde (BB-Facebook)

De ceremonie maakte onderdeel uit van de ‘Vriendendag’ die georganiseerd werd, die verder bestond uit een borrel en enkele vlooienmarkten. Als dank voor het bekostigen van twee kunstrotsen werd aan Marcel Kreuger een bordje overhandigd, dat later bevestigd zal worden aan het soortbordje. Overigens liep de Vriendendag niet helemaal zoals gepland, want het was de bedoeling dat de vernieuwde Vriendenbazaar vandaag ook geopend zou kunnen worden. Helaas is de vergunning voor de bouw halverwege de constructie weer ingetrokken, dus de oplevering zal nog even op zich laten wachten.

Foto: Edwin den Hoedt (BB-Facebook)

Nu écht de laatste werkzaamheden verricht zijn aan het nieuwe geladaverblijf, kunnen we het eindresultaat beoordelen. Het monumentale Roofdieren-Gebouw is in oorspronkelijke staat hersteld en er zijn nu twee aparte verblijven gerealiseerd: een waar vroeger de leeuwen en tijgers leefden en een waar vroeger de Kattengalerij stond. De perken zijn ingericht als een glooiend grasland met grote rotsblokken en worden overkoepeld door een nestconstructie, die zo ontworpen is dat hij de bestaande curves van het Roofdieren-Gebouw accentueert. De twee kleine kooitjes aan de zijkanten bieden niet langer onderdak aan dieren, maar worden gebruikt voor educatieve doeleinden alsmede delen van het interieur die anno 1940 zijn vormgegeven. Eén van de binnenverblijven, ingericht anno nu, is voor het publiek te bezichtigen. Ook is in één van de rotsblokken een tunnel gecreëerd waarvandaan je door raampjes het verblijf in kunt kijken – je waant je zo tussen de dieren. Voor een uitgebreide foto-impressie, klik HIER en voor een vergelijking van vroeger en nu, klik HIER.

Foto: Stefan de Vries (BB-Facebook)

In totaal zijn er nu 12 gelada’s, allen afkomstig uit NaturZoo Rheine, aanwezig in Diergaarde Blijdorp: drie die samen een vrijgezellengroep vormen en negen dieren die samen in een harem leven. Toen de baviaanachtigen een maand geleden voor het eerst naar buiten mochten, was er enige verwarring: waarom zat de familiegroep bij het voorplein van de Rivièrahal en niet, zoals eerder werd gezegd, aan de terrassenkant? Erik Zevenbergen liet aan Blijdorper Bende weten dat de verzorgers daarvoor hadden gekozen omdat de familiegroep momenteel het grootst is en daarom de meeste behoefte had aan een buitenverblijf. Bovendien was het best nog even spannend of de mannengroep succesvol tot stand zou kunnen komen: in de binnenverblijven stonden de heren elkaar naar het leven, dus het leek de verzorgers beter om hen naar buiten te laten aan de iets rustigere zijde. Gelukkig werd het conflict eenmaal buiten bijgelegd en leeft het trio in vrede samen.

Foto: Ria van der Graaf (BB-Facebook)

Hoewel sommigen het misschien een onnatuurlijke manier van huisvesten vinden, zijn mannengroepen een natuurlijk verschijnsel. Zoals ook wordt uitgelegd door middel van een filmpje in het binnenverblijf, kunnen haremleiders ook van de troon worden gestoten door mannetjes uit zulke groepen. Uiteindelijk zijn het de vrouwtjes die het laatste woord hebben in zo’n conflict. Om de dieren zo natuurgetrouw mogelijk te houden, heeft Blijdorp plannen om dit ook in gevangenschap na te bootsen. Daartoe zijn de binnenverblijven van de mannengroep uitgerust met tunnels, waarmee de dieren via een schuif naar de andere kant geleid kunnen worden. De Diergaarde kan dus besluiten om een extra mannetje bij de familiegroep te introduceren. Deze rivalen kunnen dan vrouwtjes van bestaande harems ‘veroveren’ of zelfs een hele harem in één keer overnemen. Niet alleen stimuleert dit dus natuurlijk gedrag en houdt het de dieren bezig, maar het is tegelijkertijd een slimme manier om genetische diversiteit te waarborgen.

Foto: Rob van Eijk (BB-Facebook)

Gelada’s, die dankzij hun uiterlijk vaak voor de bekendere bavianen worden aangezien, zijn de enige apensoort wiens dieet hoofdzakelijk uit gras bestaat. In het wild zijn ze in toenemende mate een zeldzame verschijning, beperkt tot het Ethiopische Hoogland. Overdag besteden ze veel tijd aan grazen en sociale interactie, ’s avonds trekken ze zich vaak terug naar de relatieve veiligheid van de rotskliffen. Niet alleen qua dieet weten ze zich te onderscheiden van andere primaten, ook op het gebied van communicatie laten ze de concurrentie ver achter zich. Ze kennen een wijd scala aan klanken en mondbewegingen die allemaal verschillende betekenissen hebben. Hun bijzondere lipbewegingen worden aangeduid met de term ‘wobbelen’, maar opvallender is het bijna menselijke krijsen van de jongere groepsleden wanneer ze aan het spelen zijn. Wanneer ze bezig zijn met eten, zijn ze erg nauwkeurig met het uitzoeken van de lekkerste grassprieten en schuifelen ze telkens een stukje verder.

Foto: Jop Kempkes (BB-Facebook/Beheer)

De komende tijd zal de geladagroep nog flink worden uitgebreid. Erik Zevenbergen liet aan Blijdorper Bende weten dat er nog twee harems toegevoegd zullen worden aan de familiegroep. Ook de mannengroep zal substantieel worden uitgebreid, maar eerst zal het bestaande drietal nog goed in de gaten gehouden worden om ruzies te vermijden. Het is daarnaast ook nog steeds de bedoeling dat er uiteindelijk manenschapen geïntroduceerd worden in het verblijf, zoals ook is terug te zien aan het ram-spel dat geplaatst is op het terrasje dat is aangelegd op de plek van het vroegere otterverblijf. Overigens wil men eerst eventuele mankementen van het verblijf verhelpen. Zo buigt de botanische afdeling zich momenteel over de grasmat. Hoewel deze nog steeds groen is, hebben de gelada’s al heel wat schade aangericht – ondanks dat ze pas kort buiten zijn en nog met relatief weinig zijn. En dat terwijl het de stevigste grassoort is die de Diergaarde kon vinden!

Foto: Jop Kempkes (BB-Facebook/Beheer)

Natuurbehoudscentrum: Ambassade voor Biodiversiteit

Dát moet het worden. Geen nagebootste biotoop, maar een ruimte waar de verblijven praktisch worden ontworpen en dierenwelzijn op één staat en zoveel mogelijk wordt verteld over de conservatie van bedreigde diersoorten. In het Natuurbehoudscentrum, dat dit jaar in het Oceanium op de plek van de Zee van Cortez, gerealiseerd zal worden, krijgt de bezoeker een verzameling kritiek bedreigde diersoorten van over de hele wereld te zien. Een Vrienden-onderneming van formaat.

Als je in de afgelopen maanden eens een rondje Oceanium hebt gedaan, is de leegte in het woestijngebied pijnlijk merkbaar. Het duurde wat langer dan gedacht om de begroting rond te krijgen, ook al waren de meeste inwoners al verhuisd. Maar nu is de bouw eindelijk begonnen – of beter gezegd, de sloop! Over een paar maanden moet de ruimte namelijk niet meer te herkennen zijn en dat betekent dat de boel vrij rigoureus op de schop moet.

Foto: Ton Meuldijk (BB-Facebook). De grote renkoekoek, Geococcyx californianus.

In het Vriendennieuws worden de vrijwel definitieve plannen verteld. De achterzijde van de ruimte, de kant waar nu ook de cactustuin is, zal nog het meeste lijken op het bestaande geheel. De renkoekoeken, een van de huidige diersoorten in de Zee van Cortez, zullen verhuizen naar het bestaande grondeekhoornverblijf. Omdat Blijdorp hoopt dat het relatief prille koppeltje hier wellicht ook voor nageslacht zal zorgen, staat het nog niet vast of de ekstergaaien en konijnuiltjes – het drietal is niet per se een succesvolle combinatie – ook mee zullen verhuizen.

Het bestaande zoutwateraquarium en het terrarium voor de Coloradopadden voldoen allebei nog prima, dus ook die verblijven worden met rust gelaten. De gilamonsters keren ook terug. Hun terrarium staat gepland voor de muur die bij binnenkomst rechts is. Zij zijn dan wel niet bedreigd, maar verliezen wel steeds meer leefgebied en zouden daardoor op termijn in de problemen kunnen komen. De fok met deze reptielen wordt al gecoördineerd, dus het kan geen kwaad om de soort in het bestand te houden.

Foto: Rob van Eijk (BB-Facebook). De Antilliaanse leguaan, Iguana delicatissima.

De eerder genoemde cactustuin zal echter op de schop gaan. Hier komt een permanent verblijf voor de Antilliaanse leguaan. Momenteel woont één dier bij het Caraïbisch Café, maar het is de bedoeling dat vier wildgevangen dieren naar Rotterdam komen om bij te dragen aan het fokprogramma voor deze bedreigde diersoort. Het Europese stamboek van de Antilliaanse leguaan is door de dierentuin van Jersey opgezet. Minder dan tien EAZA-dierentuinen houden de soort, dus vers bloed is meer dan welkom. Op Sint Eustatius, één van de weinige eilanden in de Caraïben waar deze soort nog voorkomt, werkt de lokale overheid samen met Stichting Reptielen Amfibieën Vissen Onderzoek Nederland (RAVON) om dit dier te beschermen.

De helft van de zaal die het meest radicaal zal veranderen, is de kant die vroeger links van het pad was. De verblijven voor onder andere de swiftvosjes, de reptielen, vogels en enkele koudbloedigen gaan allemaal tegen de vlakte en de meeste inwoners zullen verhuizen naar andere dierentuinen. Langs het eerste deel van de wand komen meerdere verblijfjes voor vuursalamanders. Niet lang geleden kwamen vuursalamanders nog in zuidelijk Nederland voor, maar inmiddels zijn ze hoogstwaarschijnlijk (of in ieder geval functioneel) uitgestorven. Stichting RAVON had gelukkig uit voorzorg enkele salamanders gevangen en inmiddels wordt er met die dieren ook gefokt. In overleg met RAVON zal worden besloten of Blijdorp nageslacht of wildvang krijgt en of het wel of niet de bedoeling is dat er met ze wordt gefokt.

Foto: Anja Theunissen (BB-Facebook). De Chinese krokodilstaarthagedis, Shinisaurus crocodilurus.

Langs dezelfde muur komt ook een terrarium voor de Chinese krokodilstaarthagedis. Dit reptiel uit het Chinees-Vietnamese grensgebied is een zeldzaamheid geworden in het wild door het versplinteren van populaties. Sterker nog, het IUCN schat dat de wilde populatie in 30 jaar tijd met 84% is afgenomen. Blijdorp heeft reeds jaren aan ervaring met deze soort en houdt er tot op de dag van vandaag een paar in het Aziëhuis. Tot slot komen er een aantal broedmachines langs de muur.

Het hoogtepunt van het Natuurbehoudscentrum wordt het zogenaamde ‘eiland’ dat centraal staat in de ruimte. Deze ruimte met glazen muren zal alleen geopend zijn wanneer er vrijwilligers aanwezig zijn om te vertellen over de lopende projecten om dieren te beschermen en tegelijkertijd de boel in de gaten te houden. Aan één korte zijde komt een verblijf voor de San Francisco-kousenbandslang. Er zijn vele soorten binnen het geslacht der kousenbandslangen die het over het algemeen goed doen, maar van de San Francisco-variant wordt gedacht dat er nog maar een paar duizend in het wild leven.

Aan een van de lange zijden, die aan de kant van de vuursalamanders, komt een drietal aquaria. Op de ontwerpen is te zien dat er één bak komt voor een lid van het Ambystoma-geslacht, een groep salamanders uit Noord-Amerika waartoe ook de axolotl behoort. Voor de andere twee aquaria staat een verrassing gepland. Blijdorp wil namelijk twee vissoorten die kritiek bedreigd zijn, mogelijk zelfs uitgestorven in het wild, houden. Er wordt momenteel overlegd met de dierentuinen van Londen en Wenen om dit te coördineren. Door op meerdere plekken groepjes te plaatsen, is de kans minder groot dat één enkele onvoorziene ziekte of een technisch mankement de soort de das om doet.

Foto: Stichting ReHerp (reherp.nl). Een jonge Egyptische landschildpad (Testudo kleinmanni) kruipt uit het ei.

Aan de andere korte wand, tegenover de kousenbandslangen, komt een terrarium voor Egyptische landschildpadden en doornstaartagamen. Vooral de eerste diersoort is interessant: het is een van de meest bedreigde schildpaddensoorten ter wereld, met vermoedelijk alleen nog een kleine populatie in het door oorlog verscheurde Libië. Het fokprogramma voor deze zeldzame soort wordt beheerd vanuit Blijdorp. Naast dat het dus een belangrijke ambassadeur is voor bedreigde diersoorten, is het ook nog eens een leuk, actief dier om naar te kijken.

Aan de andere lange zijde, aan de kant van de Antilliaanse leguanen, komt een terrariumstelling voor jonge dieren van kleine diersoorten. De terraria worden zo flexibel mogelijk gemaakt, zodat ze kunnen worden aangepast voor de diersoort die er wordt ondergebracht. Met zulke verblijven wordt ook veelvuldig achter de schermen in de dierentuin gewerkt. In de komende jaren zullen we hier hopelijk McCords slangenhalsschildpadden, McCords doosschildpadden en Annam-waterschildpadden zien opgroeien. Deze kant van het glazen huis krijgt een dichte achterwand, zodat de dieren ook daadwerkelijk niet gestoord kunnen worden door bezoekers die op de ruiten tikken als er geen toezichthouders aanwezig zijn.

Foto: Stichting ReHerp (reherp.nl). De Annam-waterschildpad, Mauremys annamensis.

Daarnaast komt er in het Natuurbehoudscentrum nog een ruimte van 3 bij 5 meter voor de jongen van wat grotere diersoorten, zoals de Komodovaranen. Op de plattegrond staat nog een verblijfje ingetekend, parallel aan het aquarium van de zeevissen. Mogelijk wordt erover nagedacht hier de volwassen exemplaren van de eerder genoemde schildpadden te houden. De Vrienden hadden immers eerder aangekondigd dat zowel de slangenhalsschildpadden als de doosschildpadden voor de schermen te zien zouden zijn in het Natuurbehoudscentrum.

Als alles volgens de planning verloopt, moeten de werkzaamheden rond oktober van dit jaar zijn afgerond. Er is zo’n €100.000,- apart gelegd voor de verbouwing, als onderdeel van een veel groter jubileumgeschenk van 2,4 miljoen euro ter gelegenheid van het 55-jarige bestaan van de vereniging Vrienden van Blijdorp. Gedurende de bouw zal een deel van de constructie achter bouwschermen plaatsvinden, waar het publiek gewoon langs kan lopen. Mogelijk zal er tijdelijk gebruik worden gemaakt van de nooduitgang naast het huidige verblijf van de swiftvosjes om de bezoekersstroom soepel te laten verlopen. Daarnaast zal het verblijf voor de renkoekoeken iets langer op zich laten wachten dan de rest van het Natuurbehoudscentrum. Met oog op de aankomende werken voor Eiland-Hoppen en daarmee het afsluiten van het pad langs de reuzenschildpadden zal dit verblijf tijdelijk onderdeel worden van een pad dat achter het pinguïnverblijf langs loopt, waar de bezoekers tegen die tijd toegang tot zullen krijgen.

Ontwerp: Vrienden van Blijdorp (Vriendennieuws)